<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>ALTCOUNTRY.NL &#187; VERGETEN KLASSIEKER</title>
	<atom:link href="http://www.altcountry.nl/blog/category/vergeten-klassieker/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.altcountry.nl/blog</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Mon, 06 Feb 2012 22:08:32 +0000</lastBuildDate>
	<generator>http://wordpress.org/?v=2.8.4</generator>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
			<item>
		<title>Kevn Kinney &#124; MacDougal Blues (1990)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/kevn-kinney-macdougal-blues-1990/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/kevn-kinney-macdougal-blues-1990/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 26 Nov 2011 18:05:03 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=5140</guid>
		<description><![CDATA[Drivin’ N’ Cryin’ is altijd een onbegrepen band gebleven; het grote succes ging aan hen voorbij, ook al reden ze mee op de golf van de grote gitaarbands in de jaren 90 van de vorige eeuw. In navolging van Soul Asylum, The Replacements en vooral R.E.M. wist Drivin’ N’ Cryin’op zeer bescheiden schaal voet aan [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright" src="http://ecx.images-amazon.com/images/I/614lfJRu1yL._AA115_.jpg" alt="" width="125" height="125" />Drivin’ N’ Cryin’ is altijd een onbegrepen band gebleven; het grote succes ging aan hen voorbij, ook al reden ze mee op de golf van de grote gitaarbands in de jaren 90 van de vorige eeuw. In navolging van Soul Asylum, The Replacements en vooral R.E.M. wist Drivin’ N’ Cryin’op zeer bescheiden schaal voet aan de grond te krijgen in rockland. Weliswaar gesteund door het grote Island Records bleef het kwartet bestaande uit zanger-gitarist Kevn Kinney, bassist Tim Nielsen, drummer Jeff Sullivan en gitarist Buren Fowler tevergeefs het publiek bestormen met <span id="more-5140"></span>een mix van heavy metal en folk. Grootste concurrent – in letterlijke zin – in thuisbasis Atlanta waren de stonede rockers van The Black Crowes. Het was een strijd die al bij voorbaat beslist was; de Southern rock van The Black Crowes groeide uit tot een act van wereldformaat. En dat terwijl Drivin’ N’ Cryin’ wisselvallige platen als Whisper Tames The Lion en Mystery Road produceerde. Grote pluspunt van Drivin’ N’ Cryin’ is echter het hese en warme stemgeluid van Kevn Kinney; als de band gas terugneemt en zijn folk-invloeden etaleert, is het Kinney die Drivin’ N’ Cryin’ een enorme impuls geeft. Het begin 1990 verschenen Fly Me Courageous scoort redelijk, maar de druk neemt toe om toch vooral een hit te scoren. Hierdoor raakt de band in een impasse omdat het simpelweg niet kan kiezen tussen Led Zeppelin-achtige rock en meer traditionele folkrock. Het is Kevn Kinney die het dilemma doorbreekt door de niet voor de band geschikte composities op te nemen voor een solo-lp. Het is eenvoudig een briljante zet.</p>
<p>Gesteund door het platencontract met Island en leunend op producer Peter Buck, de gitarist van R.E.M., neemt Kinney de niet voor Drivin’ N’ Cryin’ geschikte composities op in John Keane’s studio in Athens. De opnamen van MacDougal Blues vinden plaats in een geheel akoestische setting. Niet alleen zijn alle bandleden van Kinneys band prominent aanwezig, Kinney en Buck hebben bovendien een klein leger aan sessiemuzikanten weten te strikken. En zo wordt MacDougal Blues niet alleen bevolkt door bas, drums, gitaar, pedal steel en mandoline, maar ook door fiddle, banjo, dulcimer, accordeon en cello. Het verleent de plaat een organisch en aards karakter en om deze reden moet MacDougal Blues gezien worden als een traditionele folk-bluesplaat. Een plaat die teruggrijpt op een ver verleden, die teruggrijpt op de begintijd van de folk en die met gemak gesitueerd kan worden in het New York van de begin jaren zestig. Het New York van de koffiehuizen, van Greenwich Village, van Bob Dylan en Fred Neil.</p>
<p>Niet voor niets is Kinneys solo-debuut vernoemd naar MacDougal Street, een straat waar de legendarische folkscene van de begin jaren zestig samenkwam. MacDougal Blues is daarom een zeer treffende titel voor Kevn Kinneys collectie superieure folksongs. In het openings- en titelnummer geeft Kinney – begeleid door prachtig akoestisch gitaarspel – direct zijn stemverklaring prijs: I come down from Omaha to New York to sing my songs te be a real folk-singer, humdinger. Het draait uit op een teleurstelling; geen Dylan, geen Joni Mitchell en geen Patti Smith. De toon is gezet: melancholie, teleurstelling, verdriet en een soort strijdbaar fatalisme voeren de boventoon op de ogenschijnlijk eenvoudige songs die een verbluffende urgentie bezitten. Kinney is zowel sarcatisch als doodserieus als hij in ‘Not Afraid To Die’ over een repeterend ritme de luisteraar toevertrouwt: I’m not afraid to die but I am afraid to cry. Als de fiddle van stal gehaald wordt in ‘Lost And Found’ is de toon even wat luchtiger, maar daaropvolgend zet de cello de toon in het indringende en diepdonkere ‘Heard The Laughter Ending’. Kinneys bariton, compleet met hese snik, is een machtig medium om de vertellingen kracht bij te zetten. Vertellingen waarin donkere straathoeken, troosteloze wasserettes, lastige huisbazen en ongeschoold werk figureren. Het is een illusieloze en richtingsloze wereld die Kevn Kinney schetst, maar toch roepen de zoete herinneringen een glimp van een glimlach op. En de toekomst blijft perspectief bieden, want hoop doet leven. Deze levensfilosie komt op indringende wijze tot leven op het hoogtepunt van MacDougal Blues, ‘Gotta Get Out Of Here’. Opgestuwd door vurig slide-gitaarspel is Kinney er heilig van overtuigd dat het beter zal gaan als hij maar de kans krijgt om de dodelijke sleur te ontvluchten. Het is een meesterlijke song die bijdraagt aan de artistieke prestatie die Kevn Kinney met MacDougal Blues heeft weten neer te zetten.</p>
<p>MacDougal Blues maakt in één klap Drivin’ N’ Cryin’ compleet overbodig. De band houdt het nog even vol, maar de af en toe gevaarlijk naar bloedeloze hardrock neigende muziek doet zowel Kinney als de overige bandleden geen recht. Kevn Kinney kiest terecht voor een solo-carrière als min of meer traditioneel singer-songwriter. Het levert in de vorm van The Flower And The Knife, Broken Hearts And Auto Parts, Sun Tangled Angel Revival en Comin&#8217; Round Again fraaie platen op. Maar wat de toekomst de melancholieke Kinney ook moge brengen, een moderne klassieker heeft de singer-songwriter reeds op zijn naam staan.</p>
<p><em>MacDougal Blues / Not Afraid To Die / Lost And Found / Heard The Laughter Ending / Last Songs Of Maddie Hope / Gotta Get Out Of Here / The House Above Tina’s Grocery / Iron Mountain / Chico &amp; Maria / Hey Landlord (Meatloaf And Fishsticks)</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/kevn-kinney-macdougal-blues-1990/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Euphoria &#124; A Gift From Euphoria (1969)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/euphoria-a-gift-from-euphoria-1969/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/euphoria-a-gift-from-euphoria-1969/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 31 Oct 2011 23:29:18 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4995</guid>
		<description><![CDATA[Een beatnik en een cowboy. In een eerste oogopslag zouden het Dustin Hoffman en John Voight kunnen zijn, een still uit de klassieke speelfilm Midnight Cowboy. Maar het gaat hier om Euphoria, een duo bestaande uit William D. Lincoln en Hamilton Wesley Watt Jr. Een beatnik en een cowboy. Maar er is meer dan dat. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright" src="http://www.covershut.com/covers/Euphoria-A-Gift-From-Euphoria-1969-Front-Cover-42881.jpg" alt="" width="125" height="125" />Een beatnik en een cowboy. In een eerste oogopslag zouden het Dustin Hoffman en John Voight kunnen zijn, een still uit de klassieke speelfilm Midnight Cowboy. Maar het gaat hier om Euphoria, een duo bestaande uit William D. Lincoln en Hamilton Wesley Watt Jr. Een beatnik en een cowboy. Maar er is meer dan dat. Te oordelen naar de muziek draait het op A Gift From Euphoria eveneens om Britse versus Texaanse psychedelica of Britse folk versus country uit Nashville. Het is telkens weer die tegenstelling die A Gift From Eupheria zo divers en vooral zo spannend maakt.<span id="more-4995"></span></p>
<p>We schrijven 1969 als A Gift from Euphoria wordt uitgebracht op Capitol Records. De plaat is geproduceerd door Lincoln en Watt en opgenomen in Hollywood, Nashville en London. In de Britse hoofdstad kwam het duo in contact met The Bee Gees – die zich voorbereidden op Odessa – en het heeft er de schijn van dat Lincoln/Watt zich tijdens hun verblijf in London door hen hebben laten beïnvloeden op het gebied van de orkestrale arrangementen. Deze zijn dan ook zo Brits – getuige de prominente strijkers op opener Lisa – dat we hier eerder te maken lijken te hebben met een band als Tomorrow of The Zombies dan met een Texaanse psychedelische rockband. Maar schijn bedriegt, na de barokke opening stort het duo zich op een opzwepend bluegrass-ritme dat ondersteund wordt door prachtige harmony-vocalen in de trant van Dillard &amp; Clark of Moby Grape. Ditzelfde geldt voor Did You Get The Letter dat halverwege overgaat in heftig psychedelisch gitaarwerk, snijdend, gierend en achterwaarts afgespeeld. Euphoria doet zijn afkomst eer aan; hier zijn de jonge neefjes van de 13th Floor Elevators aan het werk.</p>
<p>Dat Lincoln en Watt hun thuisbasis hadden in Houston is wel bekend, maar dat is dan ook alles. Er is weinig bekend over het duo; naast een handvol singles is A Gift From Euphoria het enige bekende wapenfeit van Lincoln en Watt. Maar dat is dan ook een statement van de eerste categorie. A Gift From Euphoria behoort tot de hoogtepunten van de psychedelische scene van Texas en verdient een eervolle plaats naast A Power Plant van The Golden Dawn, The Psychedelic Sounds Of van The 13th Floor Elevators of Flash van de Moving Sidewalks (de voorloper van ZZ Top). A Gift From Euphoria biedt alles wat de psychedelische muziek uit de late jaren zestig zo interessant maakt; stompende ritmes, gierende en welhaast vloeibare gitaarsolo’s, weirde intermezzo’s en als prachtig tegenwicht de zijdezachte samenzang. De akoestische gitaren rinkelen, de banjo’s tokkelen en in dat licht bezien kan Euphoria eveneens gerekend worden tot de Californische folkrock-beweging met zijn Love, Buffalo Springfield, Moby Grape en The Byrds.</p>
<p>Het lijkt erop dat in Euphoria het beste van alle werelden verenigd was en dat er een glorieuze toekomst voor hen open lag. Daarbij, het duo werd ondersteund door het grote Capitol dat vermoedelijk diep in de buidel heeft moeten tasten voor de kosten van de opnamen, compleet met orkest en op verschillende locaties. Dat A Gift From Euphoria nauwelijks verkocht blijft tot op heden een mysterie. Maar Capitol kan trots op dit product zijn, met Lincoln en Watt hadden zij zowel compositorische als muzikale genieën in huis, getuige de ongelofelijk mooie afsluiter van deze ruim veertig minuten durende pracht-lp. World is ingetogen en spannend, zacht en psychedelisch en is de perfecte afsluiter van een compleet vergeten meesterwerk. Euphoria, en met de band William Lincoln en Hamilton Wesley Watt, is hiermee gedoemd tot de vergetelheid. En nog steeds, want van Lincoln en Watt werd nooit meer iets vernomen. Het draagt zeker bij aan de obscuriteit van A Gift From Eupheria, maar de muzikale kwaliteit en de tegelijk lieflijke en rauwe zeggingskracht van deze sixties-klassieker staat volledig op zichzelf: <em>For I Am Music…The Instrument Of God</em>. Het zijn, anno 1969, de laatste woorden van William Lincoln en Hamilton Wesley Watt.</p>
<p><em>Lisa / Stone River Hill Song / Did You Get The Letter / Through A Window / Young Miss Pflugg / Lady Bedford / Suicide On The Hillside, Sunday Morning, After Tea / Sweet Fanny Adams / I’ll Be Home To You / Sunshine Woman / Hollyville Train / Docker’s Son / Something For The Milkman / Too Young To Know / World</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/11/euphoria-a-gift-from-euphoria-1969/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Dan Penn &#124; Nobody’s Fool (1973)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/10/dan-penn-nobody%e2%80%99s-fool-1973/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/10/dan-penn-nobody%e2%80%99s-fool-1973/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 09 Oct 2011 20:15:05 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4855</guid>
		<description><![CDATA[Wallace Daniel Pennington is de personificatie van de countrysoul. In het begin van de jaren zestig staat Penn aan de wieg van de muziekstijl die evolueert uit soul, blues, country en rhythm &#38; blues. Al in 1960 heeft de 17-jarige Penn als songschrijver – en Conway Twitty als uitvoerende – zijn eerste countryhit. Penn wordt [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright" src="http://4.bp.blogspot.com/_msHZhK8UVUE/SflmbB5MjFI/AAAAAAAAAfE/AAcTUnx3D_E/s400/danpenn." alt="" width="125" height="125" />Wallace Daniel Pennington is de personificatie van de countrysoul. In het begin van de jaren zestig staat Penn aan de wieg van de muziekstijl die evolueert uit soul, blues, country en rhythm &amp; blues. Al in 1960 heeft de 17-jarige Penn als songschrijver – en Conway Twitty als uitvoerende – zijn eerste countryhit. Penn wordt sessiemuzikant en vindt in Spooner Oldham een gelijkgestemde ziel. Het duo schrijft bovendien hits voor Percy Sledge, Aretha Franklin en James Carr. Gevestigd in Memphis en werkend voor studiobaas Chips Moman schrijven <span id="more-4855"></span>Penn en Oldham Southern Soul-klassiekers als ‘Do Right Woman – Do Right man’ en ‘The Dark End Of The Street’, beide hits voor James Carr. In 1967 heeft Dan Penn als producer een nummer-1-hit met The Box Tops en ‘The Letter’. De blanke soul van The Box Tops levert Penn talloze hits op – die zowel geschreven, geproduceerd en ingespeeld zijn door de tandem Penn/Oldham. In de jaren zeventig pas, besluit Dan Penn een solo-album op te nemen. Penn zet een zeer uitgebreide band in, met uiteraard Spooner Oldham, maar ook de jongens van Cargoe – de eerste band op het Ardent-label. De volop aanwezige blazers en strijkers worden gearrangeerd door maestro Bergen White. Penn neemt op Nobody’s Fool – dat in 1973 verschijnt – een aantal bekende nummers op waaronder ‘Raining In Memphis’ en ‘If Love Was Money’, met de fraaie oneliner If love was money, I could afford you honey. Het titelnummer bevat alle ingrediënten van een klassiek countrysoulnummer: een countrygitaar, subtiele blazers en de machtige bariton van Penn. John Fogerty’s ‘Lodi’ is in Penns versie weergaloos en soulvol, en nestelt zich genoeglijk tussen Penns eigen materiaal. Opvallend zijn de protestsongs tegen de oorlog in Vietnam. Is ‘Prayer For Peace’ nog een opwindende countryslijper – waarin Penn in gesprek gaat met de Heer over de revolutie –, het psychedelische en door Penn van praatzang voorziene ‘Skin’ detoneert tussen de harmonieuze en warmbloedige countrysoul. Het laatste kan niet verhinderen dan Nobody’s Fool als klassieker in het countrysoul-genre beschouwd moet worden – en een collector’s item bovendien. En hoewel de omvang van zijn solowerk bescheiden van aard is – in 1993 verschijnt Do Right Man – Dan Penn is een hele grote in de wereld van de popmuziek.</p>
<p><em>Nobody’s Fool / Raining In Memphis / Tearjoint / Time / Lodi / Ain’t No Love / I Hate You / Prayer For Peace / If Love Was Money / Skin</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/10/dan-penn-nobody%e2%80%99s-fool-1973/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Ian Matthews &#124; If You Saw Thro’ My Eyes (1971)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/09/ian-matthews-if-you-saw-thro%e2%80%99-my-eyes-1971/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/09/ian-matthews-if-you-saw-thro%e2%80%99-my-eyes-1971/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 21 Sep 2011 22:06:18 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4757</guid>
		<description><![CDATA[Iain Matthew McDonald zit niet bij de pakken neer als hij in 1969 Fairport Convention uitgeschopt wordt. Verre van verbitterd kiest de dan 23-jarige Brit voor een solocarrière, zijn songschrijverstalenten beproevend op zijn solodebuut Matthews’ Southern Comfort en nota bene begeleid door zijn ex-collega’s van Fairport Convention. Hij vervolgt dit debuut met een tweetal groepsalbums [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright" src="http://t1.gstatic.com/images?q=tbn:ANd9GcTIP6GEtUxsFETKNN486Tvb8wkJy0iiHCR1OCpBceAn5wFfvkRETPkCBg" alt="" width="125" height="125" />Iain Matthew McDonald zit niet bij de pakken neer als hij in 1969 Fairport Convention uitgeschopt wordt. Verre van verbitterd kiest de dan 23-jarige Brit voor een solocarrière, zijn songschrijverstalenten beproevend op zijn solodebuut Matthews’ Southern Comfort en nota bene begeleid door zijn ex-collega’s van Fairport Convention. Hij vervolgt dit debuut met een tweetal groepsalbums met zijn begeleidingsband Southern Comfort, met wie hij bovendien een internationale hit scoort met Joni Mitchells ‘Woodstock’. Voorjaar 1970 <span id="more-4757"></span>heeft Matthews uitgewerkte plannen voor wat hij zelf zijn eerste solo-album noemt. De omstandigheden zijn gunstig: Matthews heeft een platencontract bij het prestigieuze Vertigo, heeft ex-Yardbird Paul Samwell-Smith als producer gecharterd en kan in de Londense Morgan Studios beschikken over een excellente begeleidingsband. Ritmetandem Gerry Conway (drums) en Pat Donaldson (bas), het gitaartriumviraat Andy Roberts, Tim Renwick en Richard Thompson, en op piano en harmonium Sandy Denny. Zij zingt bovendien tweede stem in de melancholieke afsluiter ‘If You Saw Thro’ My Eyes’. Daarvóór passeren een serie prachtige songs de revue die zich bevinden op het snijvlak van Britse folk en Amerikaanse countryrock. Met zachte, licht-weeë stem zingt Ian Matthews – zie de naamsverandering – zijn uitstekende liedjes, voortreffelijk geruggensteund door topmuzikanten uit het Britse folkrockcircuit. Tussen goed gekozen covers van Richard en Mimi Farina – de schitterende countryfolksongs ‘Morgan The Pirate’ en ‘Reno Nevada’ – zitten vroege Matthews-parels als ‘Hearts’, ‘Never Ending’ ‘Little Known’ en ‘Southern Wind’. Solodebuut of niet, If You Saw Thro’ My Eyes is Iain Matthews’ meest iconische album, al zal dat nog gevolgd worden door een zeer omvangrijke serie solo-albums en het schitterende Plainsong-album. Zoals gezegd, If You Saw Thro’ My Eyes, al uit 1971, is Matthews’ klassieker.</p>
<p><em>Desert Inn / Hearts / Never Ending / Reno Nevada / Little Known / Hinge I / Hinge II / Southern Wind / It Came Without Warning / You Couldn’t Lose / Morgan The Pirate / If You Saw Thro’ My Eyes</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/09/ian-matthews-if-you-saw-thro%e2%80%99-my-eyes-1971/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Lee Clayton &#124; Naked Child (1979)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/lee-clayton-naked-child-1979/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/lee-clayton-naked-child-1979/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 29 Jul 2011 23:55:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4578</guid>
		<description><![CDATA[Het laatste nummer van Lee Claytons Naked Child – If I Could Do It (So Can You) – vat de drijfveren van de in Alabama geboren en in Tennessee opgegroeide singer-songwriter uitstekend samen en is te beschouwen als zijn stemverklaring, zijn reason to be.
I was twenty-two, married with a nice executive smile
A briefcase and a [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4579" title="lee clayton" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/07/lee-clayton.jpg" alt="lee clayton" width="125" height="125" />Het laatste nummer van Lee Claytons Naked Child – If I Could Do It (So Can You) – vat de drijfveren van de in Alabama geboren en in Tennessee opgegroeide singer-songwriter uitstekend samen en is te beschouwen als zijn stemverklaring, zijn reason to be.</p>
<p style="text-align: center;"><em>I was twenty-two, married with a nice executive smile</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>A briefcase and a job I could not stand</em><span id="more-4578"></span></p>
<p>Rusteloosheid en een hang naar avontuur drijven Lee Clayton weg van een normaal gezinsleven. Het is uiteindelijk de schier eindeloze verveling die Clayton dwingt zijn vrouw te verlaten. Hij besluit dat het genoeg is en dat er maar twee dingen zijn die hij echt wil doen: muzikant of straaljagerpiloot. Het wordt het laatste.</p>
<p style="text-align: center;"><em>I crossed the line in April nineteen sixty-seven</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>And I left a wife crying in the sunshine</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>But I have always wanted to fly</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>At twice the speed of sound and I did</em></p>
<p>Drie jaar lang is Lee Clayton piloot in dienst van de luchtmacht en maakt honderden vlieguren in Voodoo’s en Starfighters. Als Lee Clayton eind 1969 de Air Force verlaat, heeft hij talloze songs geschreven en gaat hij op weg naar Nashville, zijn volgende droom najagend. Het is een hard leven daar in Nashville, een hard leven voor een beginnende singer-songwriter.</p>
<p style="text-align: center;"><em>I moved on down to Nashville</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>Sleeping on the floors</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>Living like a dog and gettin’ God damned</em></p>
<p style="text-align: center;"><em>But I was doing what I do</em></p>
<p>Clayton leeft drie jaar zonder dak boven zijn hoofd, pikt elke avond een meisje op om de nacht mee door te brengen en als dit mislukt is zijn auto zijn bed. Via een bevriende muzikant krijgt Waylon Jennings Claytons Ladies Love Outlaws in handen en vanaf dat moment keert het tij voor de aan vrouwen, tequila en cocaïne verslingerde Clayton. Claytons gelijknamige debuut-lp verschijnt in 1973, maar doet hoegenaamd niets in Amerika. Teleurgesteld keert Lee Clayton volledig in zichzelf en brengt een jaar door tussen de joshua trees in de Californische woestijn en specialiseert zich in watching sundowns. Na deze introspectieve periode keert Clayton terug naar de bewoonde wereld en wil zijn songs nog een keer op de mensheid loslaten. In Los Angeles komt Clayton in contact met de Ierse gitarist Philip Donelly, die een katalysator zal blijken te zijn in Claytons Capitol-periode. Een uiterst creatieve periode die het drieluik Border Affair (1978), Naked Child (1979) en The Dream Goes On (1981) oplevert.</p>
<p>Met producer Neil Wilburn en Claytons 6-koppige begeleidingsband, onder aanvoering van de sublieme Donelly, en met gastrollen van bassist Klaus Voorman (The Beatles, Lou Reed) en J.J. Cale worden de opnamen voor Naked Child gemaakt in zowel LA als Nashville. Half december ’78 zijn de opnamen bijna voltooid, maar dan krijgt de eigengereide Clayton onenigheid met producer Wilburn en is rechterhand Donelly op familiebezoek in Ierland. In blinde paniek steelt Clayton de tapes uit de studio en smokkelt ze een vliegtuig naar Ierland in. Het vliegtuig vertrekt echter niet vanwege zware sneeuwval, zodat de tapes op Amerikaanse bodem blijven – onder Claytons bed. Na drie maanden getouwtrek met platenmaatschappij Capitol besluit Clayton te capituleren en de tapes in te leveren en aldus Naked Child af te maken.</p>
<p>Naked Child is opgetrokken rond Claytons bespiegelende en zelfreflecterende songs en sublieme countryrock, die meer Texas- en Westcoast-invloeden verraadt dan in het meer traditionele Nashville gebruikelijk is. De epische nummers zijn dan ook getoonzet in een rock-format, waar er vooral een hoofdrol is weggelegd voor het gierende en gillende gitaarspel van Philip Donelly. De composities van Clayton zijn ijzersterk en worden perfect ondersteund door diens onderkoelde en macho voordracht – van de zelfverzekerde ladiesman en ex-fighterpilot waar Clayton zich op voorstaat. Maar het fraaie gitaarspel van Donelly in If I Could Do It (So Can You), 10,000 Years/Sexual Moon en vooral in het klassieke I Ride Alone is werkelijk the top of the bill; het verleent Naked Child een buitengewone status, dat van een topalbum. Lee Claytons idioom is gebaseerd op fatalisme, egoïsme en hedonisme; Claytons personages doen wat ze moeten doen, vertrouwen alleen op zichzelf en zijn zich bewust dat wie wind zaait, storm zal oogsten. En spijt is iets voor zwakkelingen. Van de southern-rock boogie Saturday Night Special tot de epische en bezwerende rocker I Ride Alone en de akelig defaitistische songs I Love You en A Little Cocaine, Naked Child is gevariëerd, spannend en fel realistisch. Clayton zet een wereld neer van verval, liefdeloosheid, drank en drugs. Maar onder al die bravoure en machismo bevindt zich de puurheid van het naakte kind: I am but a naked child composed of pure white light.</p>
<p>Op 17 maart 1981 neemt Clayton een besluit: ‘I decided that I had gone as far as I could go at that point in time, so basically I stopped.’ Eén overbodige studioplaat verschijnt er nog in 1994, gevolgd door een even slecht live-album. Zijn in 1981 genomen besluit maakt Lee Clayton tot een ware cult-hero.</p>
<p><em>Saturday Night Special / I Ride Alone / 10,000 Years/Sexual Moon / I Love You / Jaded Virgin / A Little Cocaine / If I Can Do It (So Can You)</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/lee-clayton-naked-child-1979/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Michael Nesmith &#124; And The Hits Just Keep On Comin’ (1972)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/michael-nesmith-and-the-hits-just-keep-on-comin%e2%80%99-1972/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/michael-nesmith-and-the-hits-just-keep-on-comin%e2%80%99-1972/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 14 Jul 2011 16:41:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4505</guid>
		<description><![CDATA[Een carrière achter de rug van wereldberoemde muzikant annex tv-ster en eens een tieneridool dat zich van de rest onderscheidde door een stupide wollen mutsje, Michael Nesmith was een Monkee, en een eigenwijze Monkee. Als solo-artiest en maker van drie fascinerende countryrock lp’s werd Nesmith door de critici bejubeld, maar uiteindelijk onder curatele gesteld door [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4506" title="Nesmith" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/07/Nesmith.jpg" alt="Nesmith" width="125" height="125" />Een carrière achter de rug van wereldberoemde muzikant annex tv-ster en eens een tieneridool dat zich van de rest onderscheidde door een stupide wollen mutsje, Michael Nesmith was een Monkee, en een eigenwijze Monkee. Als solo-artiest en maker van drie fascinerende countryrock lp’s werd Nesmith door de critici bejubeld, maar uiteindelijk onder curatele gesteld door platenmaatschappij RCA. Michael Nesmith moet in 1972 zijn fameuze begeleiders The First National Band ontslaan; hij mag van RCA nog een plaat maken, maar een band is te duur. <span id="more-4505"></span>Bovendien eist het label een hitsong, er mankeert immers het nodige aan het niveau van Nesmiths composities, aldus de platenbonzen. Nesmiths reactie is dat hij net zo min als het mannetje op de maan een hit kan schrijven. Uit balorigheid krijgt Nesmiths zesde soloplaat de veelzeggende titel And The Hits Just Keep On Comin’. RCA kan de hik krijgen.</p>
<p>Gewapend met akoestische gitaar en met mentale en fysieke ondersteuning van de onvolprezen O.J. “Red” Rhodes – een virtuoos op de pedal steel – neemt Nesmith tien nummers op en levert deze af bij RCA: And The Hits Just Keep On Comin’, hoezo hits? Een aantal composities schreef Nesmith in zijn Monkee-tijd, maar werden nooit opgenomen. Althans niet door Nesmith; Different Drum was in 1968 een stevige hit voor Linda Ronstadt en haar Stone Poneys. Net als de overige oudere nummers past Different Drum perfect tussen de lovesongs en breaking-up-songs die beurtelings hoopvol en bitter door Nesmith worden voorgedragen. Diferent Drum is een voorbeeld van de laatste, waarin de verteller erkent dat zijn geliefde niet voor hem voorbestemd is: Well, you and I / Travel to the beat of a different drum. Nesmith klinkt berustend, de katharsis voorbij. De algehele teneur op And The Hits Keep On Comin’ is dan ook sterk introspectief. Nesmith overpeinst waar het leven hem gebracht heeft, relativeert zijn voormalige sterrenstatus van goedlachse muzikale clown en telt zijn zegeningen. Tussen de regels van de bitterzoete liefdesliedjes door kiert een wereld van verval. De peilloze eenzaamheid in de fraaie opener Tomorrow &amp; Me, de gesmolten plastic grimassen in The Candidate en de vergeefse zoektocht naar onbeperkte vrijheid in Harmony Constant. De reflectieve teksten – waarin Nesmith even vaak de liefde vindt als haar verliest – vormen de basis voor een tiental gracieuze en prachtig geconstrueerde romantische popsongs, die nergens lijden onder de spaarzame begeleiding. De simpele akoestische gitaar, de sporadische pianoveeg en het weemoedige pedal steel-spel van Red Rhodes laten alle ruimte aan Nesmiths stem en teksten. Het is bij uitstek het idioom waarin de ware singer-songwriter zich thuisvoelt; het terrein waar de singer-songwriter verslag doet van een innerlijke wereld die zowel eerlijk, liefdevol en hoopvol is als kaal, bleek en hard.</p>
<p>And The Hits Just Keep On Comin’ is de glorieuze piek in Nesmiths muzikale carrière en bovendien de scheidslijn waarlangs zijn artistieke leven in twee delen uiteenvalt. Het eerste deel kenmerkt zich achtereenvolgens door de bubblegumpop van The Monkees – dat het eerste miljoen op Nesmiths rekening oplevert –, de speelfim Head en de aanvang van een solocarrière die op interessante wijze gestalte krijgt met het geheel instrumentale The Witchita Train Whistle Sings. Met de sublieme trits Magnetic South, Loose Salute en Nevada Fighter exploreert Nesmith de contouren van het countryrock-genre, om dan in 1972 publiek en critici te verrassen met het prachtige melancholieke And The Hits Just Keep On Comin’.</p>
<p>Michael Nesmith maakt dan nog een aantal lp’s en richt een eigen platenlabel en productiemaatschappij op: Pacific Arts Corporation. De eerste productie is Nesmiths The Prison, een boek met begeleidende soundtrack. Dan stort de overambitieuze Nesmith zich op de film- en televisiewereld. Hij treedt op als producent van speelfilms als Repo Man, is mede-oprichter van MTV en wordt miljonair. En natuurlijk – in 1996 – volgt het onvermijdelijke: de reünie van The Monkees. Michael Nesmith ondergaat het met grote tegenzin, maar ziet ook de grote financiële voordelen. Nesmith is een gretig man die, hoewel een zeer geslepen entrepeneur, eveneens bewezen heeft een visionair muzikant te zijn. Met de contryrockalbums en vooral met de klassieke singer-songwritersplaat And The Hits Just Keep On Comin’ heeft Michael Nesmith dit inderdaad bewezen.</p>
<p><em>Tomorrow &amp; Me / The Upside Of Good-Bye / Lady Love / Listening / Two Different Roads / The Candidate / Different Drum / Harmony Constant / Keep On / Roll With Flow</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/michael-nesmith-and-the-hits-just-keep-on-comin%e2%80%99-1972/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Bachman-Turner Overdrive &#124; Not Fragile (1974)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/bachman-turner-overdrive-not-fragile-1974/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/bachman-turner-overdrive-not-fragile-1974/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 02 Jul 2011 00:21:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4462</guid>
		<description><![CDATA[Het is het geloof in de heer dat Randy Bachman wegdrijft van The Guess Who. De band uit Winnipeg, Canada heeft in 1965 al een monsterhit met Johnny Kidds &#8216;Shakin&#8217; All Over&#8217;; in 1970 overtroffen door de klassieker &#8216;American Woman&#8217;. Datzelfde jaar verlaat gitarist en componist Randy Bachman tot ieders verrassing The Guess Who, om [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4463" title="BTO" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/07/BTO.jpg" alt="BTO" width="125" height="125" />Het is het geloof in de heer dat Randy Bachman wegdrijft van The Guess Who. De band uit Winnipeg, Canada heeft in 1965 al een monsterhit met Johnny Kidds &#8216;Shakin&#8217; All Over&#8217;; in 1970 overtroffen door de klassieker &#8216;American Woman&#8217;. Datzelfde jaar verlaat gitarist en componist Randy Bachman tot ieders verrassing The Guess Who, om zich te wijden aan zijn familie en een devoot leven als mormoon. Maar het jaar is nog niet voorbij of Bachman heeft – nog verrassender – alweer de countryrockgroep Brave Belt geformeerd. Na twee lp&#8217;s gaat deze band <span id="more-4462"></span>geleidelijk over in Bachman-Turner Overdrive, en wordt hun muziek beduidend steviger. Twee albums en even zovele hits brengen Randy Bachman (zang, gitaar), Fred Turner (zang, bas), Blair Thornton (gitaar) en Rob Bachman (drums) in 1974 naar hun wereldwijde doorbraak: B-b-baby, you ain&#8217;t seen n-n-nothing yet. &#8216;You Ain&#8217;t Seen Nothing Yet&#8217; is een waanzinnig sterke single die zowel bijzonder melodieus is als aanmerkelijk heavy. In het kielzog daarvan is Not Fragile eveneens een commercieel succes, waar vooral de uitstekende kwaliteit debet aan is. BTO&#8217;s doorbraakalbum wordt gekenmerkt door volle, ronde bluesy hardrock met evenveel oog en oor voor akoestische als dubbele elektrische gitaren. Uitzonderlijk heavy zijn &#8216;Not Fragile&#8217; en &#8216;Sledgehammer&#8217;, beide gezongen door Fred Turner die niet alleen het postuur heeft van een grizzlybeer, maar ook de de grommende stem. Randy Bachman is de zanger van meesterlijke rocksongs als &#8216;Second Hand&#8217; en het fraai naar een climax voerende &#8216;Rock Is My Life, And This Is my Song&#8217;. Bachman en Turner houden overigens terecht hun klep op de fenomenale instrumental &#8216;Free Wheelin&#8221;, dat een respectvol eerbetoon is aan Duane Allman. De hoes van Not Fragile symboliseert perfect de zware metalen muzikale inhoud: stuwende drums, logge, zompige bas en schitterende gitaarduellen. Maar hoe fraai op zichzelf beschouwd ook, Not Fragile is vooral een hitalbum door de aanwezigheid van de hitsingles &#8216;You Ain&#8217;t Seen Nothing Yet&#8217; – top 3 in december &#8216;74 – en de opvolger &#8216;Roll On Down The Highway&#8217;. Het promoveert Not Fragile naar de hoogste klasse en verleent het in retrospect bezien de status van Adult Oriented Rock-klassieker.</p>
<p><em>Not Fragile / Rock Is My Life, And This Is My Song / Roll On Down The Highway / You Ain&#8217;t Seen Nothing Yet / Free Wheelin&#8217; / Sledgehammer / Blue Moanin&#8217; / Second Hand / Givin&#8217; It All Away</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/07/bachman-turner-overdrive-not-fragile-1974/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>5</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>The Triffids &#124; Born Sandy Devotional (1986)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/the-triffids-born-sandy-devotional-1986/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/the-triffids-born-sandy-devotional-1986/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 15 Jun 2011 16:31:55 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4368</guid>
		<description><![CDATA[Eind 1984 verscheen de dubbel-lp Beyond The Southern Cross, een actueel overzicht van jonge Australische bands in de periode 1979 tot 1984. De bedoeling was, aldus de samenstellers, om een compilatie samen te stellen voor de internationale markt en aldus het Australische popproduct onder de aandacht te brengen van Amerikanen en Europeanen. Eén van de [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4369" title="Triffids" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/06/Triffids.jpg" alt="Triffids" width="126" height="125" />Eind 1984 verscheen de dubbel-lp Beyond The Southern Cross, een actueel overzicht van jonge Australische bands in de periode 1979 tot 1984. De bedoeling was, aldus de samenstellers, om een compilatie samen te stellen voor de internationale markt en aldus het Australische popproduct onder de aandacht te brengen van Amerikanen en Europeanen. Eén van de participerende bands echter, The Triffids, maakten nog voordat de ambitieuze dubbelaar verscheen hun Europese lp-debuut met het intrigerende Treeless Plain. Boomloze vlakte, <span id="more-4368"></span>doelend op het woestijnlandschap rond Perth, één van de meest afgelegen steden ter wereld en waarover de Australische schrijver Robert Drewe schreef dat reizen naar Perth gelijkstaat aan reizen naar The Great Unknown. In dit isolement ontwikkelen The Triffids zich tot een hecht collectief onder leiding van zanger en componist David McComb. Vanuit de do-it-yourself houding van de punk evoluëert het kwintet tot een soort country-folkband met veel gevoel voor drama en pathos. Na een tussenstop in Melbourne vestigen The Triffids zich in London, in de hoop in het middelpunt van de muziekindustrie terecht te zijn gekomen. Samen met The Birthday Party, The Go-Betweens en The Moodists vormen The Triffids een gemeenschap van ex-patriots uit Australië. The Triffids’ Australische platenlabel Hot Records heeft een vestiging in London zodat de band inderdaad voet aan de grond krijgt in Europa. Na Treeless Plain verschijnt hetzelfde jaar nog Raining Pleasure en worden BBC-opnamen onder de titel Field Of Glass uitgebracht. Mede door het uitstekende Raining Pleasure – met zijn broeierige mix van country-, folk- en soulinvloeden – winnen The Triffids in Europa aan populariteit, waardoor het zelfvertrouwen toeneemt.</p>
<p>Dit groeiende zelfvertrouwen – waardoor McComb en de zijnen op geen enkele wijze bereid zijn tot concessies – dwingt de band tot een grote sprong voorwaarts. Deze gewaagde sprong bestaat uit het aantrekken van pedal steel-speler “Evil” Graham Lee, het inhuren van producer Gil Norton en het adapteren van complexe orkestrale arrangementen. Het betekent een afscheid van de rudimentaire songstructuren en van de folky eenvoud die Treeless Plain en Raining Pleasure typeerden. Het resultaat hiervan, Born Sandy Devotional, is een werkstuk van pathos, overdadigheid en uitgesproken dreiging. De thematiek van het West-Australische landschap, met zijn desolate woestijn en de nabijheid van de oceaan, wordt er met een moker ingehamerd. David McCombs verhalende teksten ademen hitte, dood en verval. Zoals in de majestueuze opener The Seabirds, waarin een jongen de strijd aangaat met kille en meedogenloze zeemeeuwen: He called out to the seabirds “Take me now, I’m not longer afraid to die”. Het gewicht van de zon drukt zwaar op de lamentabele personages die McCombs epische teksten bevolken, van de zelfmoordenaar in Tarrilup Bridge en de kippenmoordenaar in Chickenkiller tot de verdwaalde ziel in Lonely Stretch. Van de bedrogen vrouw in Wide Open Road tot de dolende die niets anders is dan verloren bezit in Stolen Property. David McComb overtreft zichzelf in het neerzetten van personages van vlees en bloed die overgeleverd zijn aan de willekeur van de woeste natuur en noodgedwongen de rol aannemen van aangeschoten wild, want down there harm was done / because the flesh was weak (Life Of Crime). McComb ramt de boodschap er steenhard in met zijn donkere stem, hetgeen volledig in overeenstemming is met de dwingende tekstuele boodschap en het galmende en barokke klanklandschap. Het tweetal door toetseniste Jill Birt gezongen nummers zijn een welkom tegenwicht tegen de onontkoombaarheid van David McCombs maniakale voordracht. De logge uitvoeringen van de tien composities drijven volledig op de zwaar aangezette orkestrale partijen, de aanzwellende toetsenpartijen en de dominante pedal steel, die luidkeels huilt en amechtig jankt. Het is het ideale fundament voor de boodschap die expat David McComb wil overbrengen. De fysieke afstand blijkt een voorwaarde te zijn om met compassie te kunnen vertellen over het thuisland; distantie maakt bewust. Het uiteindelijke saldo is zowel een desolaat meesterwerk dat als geen ander kunstwerk het West-Australische landschap typeert, als een muzikaal rijk en weelderig hoogtepunt in de Australische muziekcultuur. Born Sandy Devotional is enigmatisch en uniek, en is de hoogste piek in het oeuvre van The Triffids.</p>
<p>Als verplichting aan Hot Records maken The Triffids dan nog het intieme In The Pines, opgenomen in een schaapsscheerdershut. Vervolgens tekent de band bij Island Records en bouwt voort op het succes van Born Sandy Devotional. Het wordt een knieval voor de commercie, ondanks het feit dat opvolger Calenture interessant en artistiek verantwoord is. De stilistische hutspot van 1989’s The Black Swan is de zwanenzang van The Triffids, als Island de band laat vallen en deze uiteengaat. Dan begint David McCombs worsteling met een solocarrière, die zich ondanks het sterke Love Of Will uit 1994 in de marge van de popmuziek afspeelt. Deze worsteling zet zich voort in McCombs gezondheid; in 1996 ondergaat hij een hartransplantatie. Hij overleeft, maar niet voor lang. Op 30 januari 1999 raakt David McComb betrokken bij een ernstig auto-ongeluk. Als gevolg van zijn zwakke hart overlijdt hij drie dagen later op 37-jarige leeftijd. David McCombs zwervende ziel kan nu gaan waar hij wil: It’s a wide open road / And now you can go any place that you ever wanted to go.</p>
<p><em>The Seabirds / Estuary Bed / Chickenkiller / Tarrilup Bridge / Lonely Stretch / Wide Open Road / Life Of Crime / Personal Things / Stolen Property / Tender Is The Night (The Long Fidelity)</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/the-triffids-born-sandy-devotional-1986/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Neal Casal &#124; Fade Away Diamond Time (1995)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/neal-casal-fade-away-diamond-time-1995/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/neal-casal-fade-away-diamond-time-1995/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 08 Jun 2011 16:51:52 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4320</guid>
		<description><![CDATA[Een van de onbegrijpelijke dingen des levens is dat de Amerikaanse singer-songwriter Neal Casal zijn platen niet in eigen land uitgebracht krijgt. Alleen Casals debuut, Fade Away Diamond Time, beleefde een major release. Na drie jaar lang gevolgd te zijn door de talentjagers van major BMG tekende Neal een contract en nam in ’95 zijn [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4321" title="Casal" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/06/Casal.jpg" alt="Casal" width="126" height="124" />Een van de onbegrijpelijke dingen des levens is dat de Amerikaanse singer-songwriter Neal Casal zijn platen niet in eigen land uitgebracht krijgt. Alleen Casals debuut, Fade Away Diamond Time, beleefde een major release. Na drie jaar lang gevolgd te zijn door de talentjagers van major BMG tekende Neal een contract en nam in ’95 zijn debuut op. Vlak voor kerstmis van datzelfde jaar kwam tijdens een tournee het onverwachte telefoontje van BMG: het contract werd met onmiddellijke ingang beëindigd. Neal Casal is dan vogelvrij en Free To Go. <span id="more-4320"></span>Wrang genoeg de titel van het sleutelnummer van zijn inmiddels klassieke debuut.</p>
<p><em>It must have something to do with letting go</em></p>
<p><em>You must have something to say to me</em></p>
<p><em>You are free to go</em></p>
<p>De vrijheid om de teugels van een rusteloze geest te laten vieren, de drang om alles achter te laten, lijkt de rode draad te zijn in Neal Casals levensverhaal. Casal wordt geboren in New Jersey in 1968. Groeit op met jaren zeventig FM-rock en de last van een gebroken gezin. Zijn ouders scheiden als Neal drie jaar is. Vanaf dan leidt hij een min of meer zwervend bestaan; hij verhuist zes keer. Weet dan al wat zwerven en rusteloosheid inhoudt; weet dan als geen ander wat verlaten en verlaten worden betekent. Ziehier de kiem van het genie – in de zin van scheppend vernuft – van Casal. Een vruchtbare bodem voor een rusteloze geest. Een fundament voor een muzikantenbestaan.</p>
<p>De release van Casals debuut in 1995 is niets anders dan een mijlpaal in zijn bestaan. Fade Away Diamond Time is een bijna perfect debuut. De plaat nestelt zich gemoedelijk naast Hollywood Town Hall van The Jayhawks, ook zo’n klassieke jaren negentig countryrockplaat. Casals producer is Jim Scott, afkomstig uit de stal van Rick Rubin. Naast Scott spelen Don Heffington, Bob Glaub en John Ginty een belangrijke rol. Fade Away Diamond Time is opgenomen in Californië met een budget van $ 100.000. Dat geld is goed besteed want de plaat klinkt warm, vol en organisch. Er wordt veel gebruikt gemaakt van Hammond-orgel en pedal steel, maar de belangrijkste rol is weggelegd voor de gitaar en de stem van Neal Casal. Casals gitaarspel is lyrisch en puntig; rijk. Zijn stem is hoog en nadrukkelijk, doet denken aan Jackson Browne. Het zijn voornamelijk liefdesliedjes, maar de liefde is niet gemakkelijk voor Neal. Dit uit zich het eerst in Free To Go. Casals liefde is vrij om te gaan, een boodschap welke Casal benadrukt met een loeiende gitaarsolo à la Neil Young. Op zijn debuut kiest Casal voor midtempo ritmes, een gebied waar zijn stem en spel het best gedijt. Onnadrukkelijk maar tevens onontkoombaar. Elementen uit country en rhythm and blues, uit klassieke rock in de trant van Gram Parsons, Creedence Clearwater Revival en The Rolling Stones ten tijde van Sticky Fingers – als Keith Richards kennisgemaakt heeft met GP – zijn verwerkt in de tijdloze composities. Teksten bevatten frases als These days with you have come to pass en Fly away – with no help from above I’ll feel no pain. Neal verlaat en wordt verlaten. Hij lijkt eenzaam en gelaten. Een ware loner, wiens leven zich onderweg afspeelt en in eenzame motels with only love to guide you (Cincinatti Motel). Het briefje aan de deur, de laatste kus, inpakken en wegwezen.</p>
<p>Dat is ook wat er gebeurt op de avond voor Kerst in 1995. Zijn platenlabel laat Neal letterlijk stranden ergens in de Midwest, om precies te zijn in Midway, Pennsylvanië. Hem rest een kapotte auto en een gebroken moraal.</p>
<p>Gelukkig wordt Casal geadopteerd door het Duitse Glitterhouse label, een haven voor gestrande Amerikaanse muzikanten. In de warme schoot hiervan werkt hij aan een indrukwekkend oeuvre en bouwt voort op de grandeur en klasse van Fade Away Diamond Time, een moderne countryrock-klassieker.</p>
<p><em>Day In The Sun / Maybe California / Free To Go / Leaving Traces / Bird In Hand / These Days With You / Cincinnnati Motel / Feel No Pain / One Last Time / Open Ground / Detroit Or Buffalo / Sunday River</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/06/neal-casal-fade-away-diamond-time-1995/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>6</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Mickey Newbury &#124; Frisco Mabel Joy (1971)</title>
		<link>http://www.altcountry.nl/blog/2011/05/mickey-newbury-frisco-mabel-joy-1971/</link>
		<comments>http://www.altcountry.nl/blog/2011/05/mickey-newbury-frisco-mabel-joy-1971/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 24 May 2011 08:05:07 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Wiebren  Rijkeboer</dc:creator>
				<category><![CDATA[VERGETEN KLASSIEKER]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.altcountry.nl/blog/?p=4232</guid>
		<description><![CDATA[Topgitarist Bill Frisell introduceert de cd met ijl gitaarspel – waar hij verderop op de plaat subtiel op voortborduurt in een tweetal sfeervolle intermezzo’s. Dan is het de beurt aan de de fluwelen stem van Paal Flaatu van Midnight Choir. De Noorse band zet een intense versie neer van An American Trilogy, waarmee de teller [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><img class="alignright size-full wp-image-4233" title="Mickey N" src="http://www.altcountry.nl/blog/wp-content/uploads/2011/05/Mickey-N.jpg" alt="Mickey N" width="125" height="124" />Topgitarist Bill Frisell introduceert de cd met ijl gitaarspel – waar hij verderop op de plaat subtiel op voortborduurt in een tweetal sfeervolle intermezzo’s. Dan is het de beurt aan de de fluwelen stem van Paal Flaatu van Midnight Choir. De Noorse band zet een intense versie neer van An American Trilogy, waarmee de teller van het aantal covers van dit nummer op 100 (!) gezet wordt. Een keur van de huidige generatie singer-songwriters trekt dan voorbij. Dave Alvin, Michael Fracasso, Mark Olson, Chuck Prophet en ook de gekende folkrockers uit Seattle, <span id="more-4232"></span>The Walkabouts, dragen bij met hun interpretaties van How Many Times (Must The Piper Be Paid For His Song), You’re Not My Same Sweet Baby, Mobile Blue en Remember The Good. Peter Blackstock, hoofdredacteur van hét alt.country tijdschrift No depression, is initiator en producer van dit bijzondere en integere project: Frisco Mabel Joy Revisited, een integrale weergave van Mickey Newbury’s erkende meesterwerk uit 1971, Frisco Mabel Joy. De tribute-cd is een verrassende vitale en – ondanks de veelzijdigheid van de deelnemende muzikanten – coherente plaat geworden. Naast het geëtaleerde talent is dit vooral te danken aan de ijzersterke composities en de romantische en melancholieke teksten van de befaamde singer-songwriter uit Houston, Texas.</p>
<p>Newbury groeide op, net als tijdgenoot, evenknie en vriend Townes Van Zandt, met folk, country en blues. In 1963 neemt hij de aanbieding aan om in Nashville hits te gaan schrijven voor Acuff-Rose. Na talloze hits voor performers als Kenny Rogers, Ray Charles en Jerry Lee Lewis krijgt Newbury de gelegenheid om zelf platen op te nemen. Hoewel een Nashville-product, Newbury’s stijl, houding en begeleiding is ver verwijderd van de verdorven hitmachine die de muziekstad in Tennessee is. Newbury onttrekt zich aan het aldaar heersende regime en neemt in zijn garage met wat meer alternatievere muzikanten als Wayne Moss en Dennis Linde op viersporen de basistracks op voor Frisco Mabel Joy. In een later stadium worden daar de tracks van The Nashphilharmonic, Nashville’s symfonie-orkest, aan toegevoegd. Newbury’s onderkoelde gitaarspel – gespeend van dominante aanwezigheid – en de onnadrukkelijke rol van de begeleidingsband gaan een geslaagd huwelijk aan met de bij tijd en wijle overdadige strijkersarrangementen. Het resulteert in een album dat de grenzen van country – en Nashville – ver ontstijgt. Door de toevoeging van folk-elementen en music hall-invloeden ontstaat er een nieuw genre: Mickey Newbury’s classic countryfolk. De emotie die Newbury in zijn stem weet te leggen, en die daarmee een perfect transportmiddel is voor de bittere en relativerende teksten, is soms pijnlijk om naar te luisteren. Lord, I wish I was blind / And could not read her mind and see all her pain, klinkt het in How Many Times, ook al is het verdriet niet voor hem bedoeld: for him, not for me. Natuurlijk is Newbury’s idioom, zoals dat een Amerikaans songschrijver betaamt, dat van verloren liefdes en verlaten vrouwen, zoals in You’re Not My Sweet Baby: And I’ll just be packin’ and silently gone. En vertrekken betekent reizen en dat is wat Newbury op Frisco Mabel Joy op uitgebreide wijze doet. In The Future’s Not What It Used To Be is de hoofdpersoon op weg naar Maine, maar belandt laveloos in Seattle, is San Francisco een dag – en een dag te ver – van huis (Frisco Depot) en is hij in Mobile Blue op weg naar het Zuiden om aan de oliepijpleidingen te werken. Newbury’s personages zijn rusteloos, hebben vaste waarden achtergelaten en zijn op zoek naar wat ze nooit zullen vinden. Mickey Newbury exploiteert de klassieke thematiek van de Amerikaanse cultuur ten volle: Go West, Young Man. Op zoek naar verre horizonten, om tot de conclusie te komen dat daar niets anders is, want uiteindelijk neem je altijd jezelf mee. Frisco Mabel Joy is daarmee de muzikale pendant van het Dirty Realism, een literaire stroming die de kaalslag van het leven feilloos blootlegt.</p>
<p>Mickey Newbury is een true American die naast de klassieke thema’s ook de trouw aan het vaderland aanroert, hetgeen al bij het openingsnummer duidelijk wordt: An American Trilogy is een melodramatisch en patriottistisch epos waarin een drietal tradionals, stammend uit de burgeroorlog, is samengesmolten tot een waar volkslied. Mickey Newbury had er een hit mee, maar het grootste succes was de adoptie van An American Trilogy door Elvis Presley die er zijn live-shows mee afsloot. Het was een bewijs dat Newbury’s reputatie was gevestigd; Frisco Mabel Joy is daarmee Mickey Newbury’s pièce de résistance; het werk waarin hij voorleeft.</p>
<p>Mickey Newbury was productief gedurende zijn hele leven, ook al werd dat bemoeilijkt doordat hij leed aan longenfyseem. Hij leidde een teruggetrokken leven in Oregon en was afhankelijk van een zuurstoftank. Mickey Newbury overleed te vroeg: op 29 september 2002, hij was 62 jaar. Maar hij wist het al in 1971, getuige The Future’s Not What It Used To Be: I never thought I would live to get old.</p>
<p> <em>An American Trilogy / How Many Times (Must The Piper Be Paid For His Song / The Future’s Not What It Used To Be / Mobile Blue / Frisco Depot / You’re Not My Same Sweet Baby / Remember The Good / Swiss Cottage Place / How I Love Them Old Songs</em></p>
<p>Frisco Mabel Joy Revisited is een integrale weergave van Frisco Mabel Joy met de toevoeging van een uitvoering van San Francisco Mabel Joy (niet op de originele lp) van Kris Kristofferson. De cd is in 2000 uitgebracht door Glitterhouse Records.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.altcountry.nl/blog/2011/05/mickey-newbury-frisco-mabel-joy-1971/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>10</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

