{"id":17503,"date":"2016-06-01T11:51:18","date_gmt":"2016-06-01T09:51:18","guid":{"rendered":"http:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/?p=17503"},"modified":"2016-06-01T14:03:03","modified_gmt":"2016-06-01T12:03:03","slug":"steve-young-rock-salt-nails-1969","status":"publish","type":"post","link":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/2016\/06\/steve-young-rock-salt-nails-1969\/","title":{"rendered":"Steve Young |Rock Salt &#038; Nails (1969)"},"content":{"rendered":"<p><img data-recalc-dims=\"1\" loading=\"lazy\" decoding=\"async\" class=\"alignright wp-image-17505 size-medium\" src=\"https:\/\/i0.wp.com\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2016\/06\/RockSaltNails-200x200.jpg?resize=200%2C200\" alt=\"RockSalt&amp;Nails\" width=\"200\" height=\"200\" srcset=\"https:\/\/i0.wp.com\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2016\/06\/RockSaltNails.jpg?resize=200%2C200&amp;ssl=1 200w, https:\/\/i0.wp.com\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2016\/06\/RockSaltNails.jpg?resize=75%2C75&amp;ssl=1 75w, https:\/\/i0.wp.com\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-content\/uploads\/2016\/06\/RockSaltNails.jpg?w=300&amp;ssl=1 300w\" sizes=\"auto, (max-width: 200px) 100vw, 200px\" \/>Onbekend maakt niet onbemind, zo zou ik het spreekwoord willen parafraseren als het gaat om singer-songwriters wier scheppingen de tand des tijds wel hebben doorstaan, maar hun persoon eigenlijk nauwelijks. Hoe bekend &#8211; of onbekend &#8211; is Steve Young eigenlijk? Onbekend, nogal.<br \/>\nGeboren in Newnan, Georgia leidde Young op sleeptouw met zijn ouders, op zoek naar werk, een zwervend bestaan. Zo reisde hij, arm en armoedig, in zijn jeugd door de Zuidelijke Staten en Texas. Het lijken zijn vormende jaren, de jaren waarin hij een sociaal geweten ontwikkelt. Begin jaren zestig trekt Young naar New York en <!--more-->weet zich een marginaal plekje te verwerven in de folkscene van Greenwich Village en besluit in 1964 dat het klimaat in Los Angeles in vele opzichten beter is. Steve Young sluit zich dan aan bij The Gas Company, waarin ook Stephen Stills en Van Dyke Parks, werkt overdag als postbode en formeert vervolgens zelf een folkrockgroep: Stone Country. Dat levert in 1968 een lp op, <em>Stone Country<\/em>, en dat leidt op zijn beurt &#8211; via producer Tommy Li Puma &#8211; weer tot een solo-contract bij het grote A&amp;M Records. Jawel. En dat opent deuren. Niet alleen naar een groter publiek &#8211; dat overigens bij niet veel meer dan een poging blijft &#8211; maar ook naar beroemdere muzikale collega\u2019s, die hun spontane medewerking verlenen aan Steve Youngs debuutalbum.<\/p>\n<p>In de A&amp;M-studio in Hollywood, Los Angeles zijn op dat moment ook Gene Clark en Gram Parsons aan het opnemen: Clark samen met Doug Dillard <em>The Fantastic Expedition of Dillard &amp; Clark<\/em>; Parsons <em>The Gilded Palace of Sin <\/em>met The Flying Burrito Brothers. En Steve Young neemt daar zijn <em>Rock Salt &amp; Nails <\/em>op<em>. <\/em>Hij krijgt daarbij zowel spirituele als muzikale hulp van Gene Clark (mondharmonica) en van Gram Parsons (orgel). Het zijn mooie credentials voor een debuutalbum, aangevuld met illustere Wrecking Crew-leden als James Burton (dobro, gitaar) en Hal Blaine (drums) en zijn Stone Country-kompaan Don Beck (gitaar). Steve Young heeft het goed voor elkaar, en dat is te horen op <em>Rock Salt &amp; Nails<\/em>; een klassieker.<\/p>\n<p>Steve Young put zijn inspiratie uit het lot van de onderdrukten; de arme Amerikaan, de arbeider, de Indiaan. Zo covert Young de socialistische arbeiderssong \u2018Rock Salt &amp; Nails\u2019, geschreven door Utah Phillips en in 1961 voor het eerst op de plaat gezet door Rosalie Sorrels. Hij neemt \u2018That\u2019s How Strong My Love Is\u2019 op, een gospelsong gecomponeerd door Roosevelt Jamison en tot een hit gemaakt door O.V. Wright in 1964. En \u2018Coyote\u2019 &#8211; eigenlijk getiteld \u2018Coyote, My Little Brother\u2019, een compositie van Peter La Farge die is opgenomen op diens <em>Sings the Indians <\/em>uit 1963 en een eerbetoon is aan het treurige lot van de Indianen. Maar Steve Young is natuurlijk ook be\u00efnvloed door de country &amp; western uit Nashville. Hij neemt \u2018My Sweet Love Ain\u2019t Around\u2019 op, de derde single van Hank Williams in 1948; \u2018Gonna Find Me A Bluebird\u2019, de jodelende hit van country- en rockabillyzanger Marvin Rainwater uit 1957; \u2018I\u2019m One Woman Man\u2019, een singlehit van countryster Johnny Horton uit 1962; en ook Kenny Austins treurige \u2018Kenny\u2019s Song\u2019. Young vergeet ook de traditional niet: \u2018Hoboin\u2019\u2019, de zwerftochten bezingend van de arme, illegale treinreiziger. Young zou echter geen klassiek singer-songwriter zijn als hij niet ook zijn eigen zielenroerselen zou bezingen. Dat doet hij in de folkblues \u2018Holler in the Swamp\u2019 en vooral in het lied, aangezet met dramatische strijkers, waarin hij voor immer voortleeft: \u2018Seven Bridges Road\u2019.<\/p>\n<p><em>There are stars in the southern sky<br \/>\n<\/em><em>Southward as you go<br \/>\n<\/em><em>There is moonlight and moss in the trees<br \/>\n<\/em><em>Down the seven bridges road<\/em><em>\u00a0<\/em><\/p>\n<p><em>Now I have loved you like a baby<br \/>\n<\/em><em>Like some lonesome child<br \/>\n<\/em><em>I have loved you in a tame way<br \/>\n<\/em><em>And I have loved you wild<\/em><\/p>\n<p><em>\u00a0<\/em><em>Sometimes there<\/em><em>\u2019<\/em><em>s a part of me<br \/>\n<\/em><em>Has to turn from here and go<br \/>\n<\/em><em>Running like a child from these wild stars<br \/>\n<\/em><em>Down the seven bridges road<\/em><em>\u00a0<\/em><\/p>\n<p><em>Now there are stars in the southern sky<br \/>\n<\/em><em>And if ever you decide you should go<br \/>\n<\/em><em>There is a taste of thyme sweetened honey<br \/>\n<\/em><em>Down the seven bridges road<\/em><\/p>\n<p>Steve Youngs debuut-lp doet weinig, maar zijn ster gaat langzaam, heel langzaam rijzen als Joan Baez in 1970 \u2018Seven Bridges Road\u2019 opneemt; Rita Coolidge in 1971; en Steve het zelf ook nog eens dunnetjes overdoet op zijn tweede lp, <em>Seven Bridges Road<\/em> uit 1971. De song wordt echter onsterfelijk gemaakt door The Eagles, die in 1980 een a capella versie van \u2018Seven Bridges Road\u2019 op hun live-album opnemen.<\/p>\n<p>Steve Young blijft met een zekere regelmaat albums produceren, die echter een zeer bescheiden impact hebben. Iets bekender wordt hij als schrijver van hits voor Hank Williams Jr. en voor Waylon Jennings, die hem het graf in prijst: \u2018If the dude gets any better, I\u2019ll kill him.\u2019 Onder vrienden, fans en collega\u2019s staat Young dan bekend als de <em>Renegade Picker &#8211; <\/em>wat fraai in beeld gebracht wordt in de muziekdocumentaire <em>Heartworn Highways <\/em>van James Szalapski uit 1981. Naast onder meer Townes Van Zandt en Guy Clark is Steve Young te zien in een schitterende uitvoering van \u2018Alabama Highway\u2019.<\/p>\n<p>Het grote succes is hem niet ten deel gevallen, misschien wel veroorzaakt door een te grote bescheidenheid, maar anderszins zuchtte Steve Young ook een mensenleven lang onder de alcohol. Op 16 maart 2016 overlijdt hij op 73-jarige leeftijd na een ernstige val op zijn hoofd. Steve Young zelf was het niet, maar zijn \u2018Seven Bridges Road\u2019 &#8211; altijd al bekender dan zijn maker &#8211; is het wel: onsterfelijk.<\/p>\n<p>\u2018That\u2019s How Strong My Love Is\u2019 | \u2018Rock Salt &amp; Nails\u2019 | \u2018I\u2019m A One Woman Man\u2019 | \u2019Coyote\u2019 | \u2018Gonna Find Me A Bluebird\u2019 | \u2018Love in My Time\u2019 | \u2018Seven Bridges Road\u2019 | \u2018Holler in the Swamp\u2019 | \u2018Hoboin\u2019\u2019 | \u2018My Sweet Love Ain\u2019t Around\u2019<\/p>\n<p><\/p>","protected":false},"excerpt":{"rendered":"<p>Onbekend maakt niet onbemind, zo zou ik het spreekwoord willen parafraseren als het gaat om singer-songwriters wier scheppingen de tand des tijds wel hebben doorstaan, maar hun persoon eigenlijk nauwelijks. Hoe bekend &#8211; of onbekend &#8211; is Steve Young eigenlijk? Onbekend, nogal. Geboren in Newnan, Georgia leidde Young op sleeptouw met zijn ouders, op zoek [&hellip;]<\/p>\n","protected":false},"author":6,"featured_media":0,"comment_status":"open","ping_status":"closed","sticky":false,"template":"","format":"standard","meta":{"_monsterinsights_skip_tracking":false,"_monsterinsights_sitenote_active":false,"_monsterinsights_sitenote_note":"","_monsterinsights_sitenote_category":0,"jetpack_post_was_ever_published":false,"_jetpack_newsletter_access":"","_jetpack_dont_email_post_to_subs":false,"_jetpack_newsletter_tier_id":0,"_jetpack_memberships_contains_paywalled_content":false,"_jetpack_memberships_contains_paid_content":false,"footnotes":""},"categories":[5],"tags":[],"class_list":["post-17503","post","type-post","status-publish","format-standard","hentry","category-vergeten-klassieker"],"jetpack_featured_media_url":"","jetpack_sharing_enabled":true,"jetpack_likes_enabled":true,"_links":{"self":[{"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/17503","targetHints":{"allow":["GET"]}}],"collection":[{"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts"}],"about":[{"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/types\/post"}],"author":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/users\/6"}],"replies":[{"embeddable":true,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/comments?post=17503"}],"version-history":[{"count":3,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/17503\/revisions"}],"predecessor-version":[{"id":17507,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/posts\/17503\/revisions\/17507"}],"wp:attachment":[{"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/media?parent=17503"}],"wp:term":[{"taxonomy":"category","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/categories?post=17503"},{"taxonomy":"post_tag","embeddable":true,"href":"https:\/\/www.altcountry.nl\/blog\/wp-json\/wp\/v2\/tags?post=17503"}],"curies":[{"name":"wp","href":"https:\/\/api.w.org\/{rel}","templated":true}]}}