Soms is het voldoende om gewoon lekker lui een omschrijving van de artiest over te nemen om een cd te bespreken. Dat kan bij No Match For Greater Minds (eigen beheer) van Painted Saints. Dat luie, dat past namelijk precies bij de aanpak die Paul Fonfara voorstaat. Dat heb ik bij de vorige twee albums ook al uitgelegd (zie hieronder). Dus voor deze ene keer beperk ik me tot hetgeen Painted Saints zelf schrijft op de website: We describe the music as eastern european tinged indie gutter blues / shimmering melancholia / sad bastard meer…
Langston Hughes (1902-1967) was een zwarte Amerikaanse schrijver die met zijn woorden streed tegen racisme en discriminatie. Steve Mednick citeert hem op het klaphoesje van Immigrants …And Other Americans (eigen beheer) om duidelijk te maken waar de verhalen van de nummers over gaan: “Let America be America again. Let America be the dream the dreamers dreamed. Say who are you that mumbles in the dark? I am the poor white, fooled and pushed apart. I am the Negro bearing slavery’s scars. I am the red man meer…
Met het titelnummer Stream Of Conscience (eigen beheer) vestigt het bluegrassgezelschap 2/3 Goat uit New York de aandacht op het opblazen van complete bergtoppen in de Appalachen. Dat gebeurt om op die manier kolen te winnen. Een ronduit verwerpelijke werkwijze volgens 2/3 Goat en dat maken ze duidelijk met dit uitermate krachtig protest. Met haar felle stem gaat Annalyse McCoy voorop in de strijd. Steeds bozer wordt ze in het verhalende nummer, dat met de vervormde stem van Ryan Dunn op het meer…
Bijna elke dag doe ik wel een muzikale ondekking. Meestal een kleintje, een heel lekker nummer of zoiets. Mijn eerste grote ontdekking van 2012 is Hiss Golden Messenger. Wat een prachtige platen maakt deze groep! Directe aanleiding voor mijn huidige muzikale geluk is het al in de herfst van 2011 uitgekomen Poor Moon. In het huidige tijdsgewricht heb ik niet vaak zo’n heerlijke warme plaat gehoord. Hiss Golden Messenger is het nieuwe project van voormalig Court & Spark–lid M.C. Taylor. Belangrijk op meer…
Bijna een jaar geleden verloor Jezebel Jones haar woning en alle persoonlijke eigendommen tijdens een enorme gasexplosie in St. Paul, Minnesota. Gelukkig leefde ze nog. Dat alle foto’s en creatieve uitingen verloren waren gegaan was misschien wel het ergste. Om het drama te verwerken ging ze hard aan het werk. Queen Of The Devil’s Rodeo (eigen beheer) is het resultaat van die arbeid. Donkere verhalen brengen Jezebel Jones & Her Wicked Ways, maar soms zijn de nummers ook heel humoristisch. In Music Man meer…
Moest vader zich nou echt bemoeien met het liefdesleven van Lisa Oliver-Gray? Ja, dat moest. En de zangeres was maar wat blij met de inbreng van Daddy tijdens de opnamen van Dedicated To Love (eigen beheer). Daddy, dat is dus in dit geval de band van Tommy Womack en Will Kimbrough. En daarmee is duidelijk dat we hier te maken hebben met een lekkere portie roots & roll uit East Nashville. Het merendeel van de nummers op dit debuut schreef Oliver-Gray samen met Daddy en verder riep ze ook de hulp in van meer…
Hank Williams is al bijna zestig jaar dood, maar de Canadese band New Country Rehab is er in geslaagd om hem na een revalidatie weer tot leven te wekken. Drie nummers van de grootvader van de countrymuziek staan er op het debuut New Country Rehab (eigen beheer) en wat zijn het mooie afwijkende versies. Ramblin’ Man is een kale, bijna postmoderne bewerking met klassiek aandoende vioolstreken en gedrenkt in dub. Mind Your Own Business is omgevormd tot een spookachtige blues met slidegitaar en ook het meer…
Direct vanaf de eerste woorden, drie keer good-bye my love, weet je dat het goed zit. Soms is heel weinig nodig om indruk te maken. Scotty Alan doet het met een stem als een omver gehakte boom waarvan de ringen plots open en bloot de kou te verduren hebben gekregen. Hij leeft in een houten cabin in the Northwoods in Michigan. In januari van het vorig jaar verliet hij de sneeuw om in Los Angeles Wreck And The Mess (Spinout Records) op te nemen. David Lindley speelt op dat openingsnummer Good-Bye fiddle en meer…
Het valt niet mee om het goede te ontdekken in The Good In Goodbye (India/Big Lake Music/Rough Trade). Dat heeft alles te maken met de prachtige voorganger No Fool For Trying, waarop de twee Canadese vrouwen die Madison Violet vormen een eigen route volgden tussen de folk van Indigo Girls en de alternatieve country van Freakwater. Die weg hebben ze op dit nieuwe album niet gevonden. Ze beginnen met het niet al te bijzondere If I Could Love You, waarbij meer…
‘I don’t think the record sounds retro’, zegt Eric Athey over zijn nieuwe plaat Going & Gone (eigen beheer). Dat getuigt mijns inziens van weinig zelfkennis, want tot mijn zeer grote tevredenheid is Going & Gone bijzonder retro. Countrysoul, Muscle Shoals, dat werk. Hammond, stroperig, incidentele blazers, dat is Atheys habitat. Eric Athey is een bescheiden wat onnadrukkelijke singer-songwriter uit Lancaster, Pennsylvania met een bijzonder talent voor het liedje en ook de uitvoering daarvan. Aldus beschikt hij op zijn derde album over uitstekende, sfeervolle meer…
Al sinds haar debuut Songs From The Levee uit 1994 vormt het zuiden van de Verenigde Staten de inspiratiebron voor Kate Campbell. Op Two Nights In Texas (Large River Music) brengt ze een dwarsdoorsnede van haar werk. De twee avonden in de Blue Rock Artist Ranch and Studio in Wimberley, Texas, verliepen in een gemoedelijke sfeer. Je had er graag bij willen zijn. Er gebeurt wat in de liedjes en het gaat over zaken in het leven die er toe doen. Maar altijd met de lichte toon waaruit het vakmanschap blijjkt. De observaties van het dagelijkse leven zijn meer…
Chris Jamison woont en werkt op een biologische boerderij in Wimberley, Texas. Cradle To Cradle (eigen beheer) is het derde album van deze fijnzinnige singer-songwriter. Met het eerste nummer Bienvenidos maakt Jamison meteen duidelijk dat je van hem geen doorsnee Texaanse rootsmuziek hoeft te verwachten: een funky trompet en dito toetsen en een jazzy gitaar en een stemgeluid als een door de Spaanse zon verwende Josh Rouse. Met flamencogitaar en percussie en die hese slaapkamerstem van Jamison gaat ook meer…
De jonge uit Fort Wayne, Indiana, afkomstige songschrijver Nick Allison (zang, gitaar) was van plan een countryband te beginnen na het uiteenvallen van The B-Sharps. Daarmee had hij twee garagerockalbums gemaakt. Toch is Church Shoes geen countryband. Met gitarist Mitch Fraizer (ook van The B-Sharps) en twee vrienden van de middelbare school ging het een andere kant op. Church Shoes (Chain Smoking Records) staat vol pubrock. De hoesfoto had niet beter gekozen kunnen zijn, het lijkt wel een kiekje uit de jaren zeventig. Dit is vettige rock voor rokerige meer…
Are You A Lion is een mooie naam voor een Nederlandse band. Met een verwijzing naar de Nederlandsche leeuw zou je er zomaar internationaal aandacht mee kunnen trekken. Are You A Lion (Excelsior Recordings/V2/Goomah) is het geslaagde titelloze debuut van deze groep uit het oosten van het land. Een plaat die ook werkelijk voldoende klasse heeft om internationaal mee voor de dag te komen. De Nederlandse komaf wordt met trots uitgedragen middels dat prachtige popgeluid dat zo bij Excelsior meer…
Cold Satellite (Continental Song City/Munich) is de tweede schitterende plaat van Jeffrey Foucault in 2011. Het betreft hier overigens opnamen die al iets ouder zijn. De in 2009 op muziek gezette poëzie van Lisa Olstein was eerder al verkrijgbaar bij concerten van Foucault, maar de twaalf nummers zijn zeer terecht officieel gereleased. Net als op Horse Latitudes is drummer Billy Conway een niet te onderschatten sfeerbepaler. Met zijn vertragende tikken dwingt hij de band tot rust. In dat open veld ontstaat meer…
Je hebt van die liedjes waarvan flarden heel bekend klinken, terwijl andere delen van de melodie een eigen richting kiezen. Only A Dream is zo’n liedje. Het begin lijkt op iets van Gram Parsons, maar het gaat te ver om van kopiëren te spreken. Een nieuw album van een onbekend artiest en toch die herkenning, het is vaak juist wel prettig. Only A Dream staat op Patina (Proper Channels) van de Canadees David Baxter. Het nummer heeft niet de emotionele lading van Parsons, maar wel veel steelgitaar, een gitaar die vastgehouden meer…
Het is al weer geruime tijd winter, maar met de storm die nu rond het huis jaagt is Friends Of Fall (Signature Dounds/Munich) nog steeds actueel. Als altijd brengt Crooked Still op deze ep (22 minuten) een combinatie van bluegrass en kamermuziek. Met een naam als Gregory Liszt (banjo) heb je misschien ook niet veel keus. Hij droeg It’ll End Too Soon aan, terwijl Anife O’Donovan (zang, gitaar) muziek schreef voor het tweeluik The Peace Of Wild Things/Dayblind bij een tekst van dichter Wendell Berry. De overige vijf nummers zijn covers van meer…
De eerste draaibeurten stond This New Year (eigen beheer) van Big Tree me ronduit tegen. Buitengewoon vervelend, dat was het snelle oordeel, want waartoe diende al die drukte? Twee sterren, dat moest voldoende zijn. En, ja leuk, die recensie zou dan de eerste van het nieuwe jaar worden. Maar terwijl je als het zover is de woorden om een en ander uit te leggen tracht te vinden, luister je nog eens naar het album. En dan vallen opeens veel bezwaren weg. Luister je met een ander oor. De folkpop van Big Tree draait om meer…
Satisfied At Last van Joe Ely staat niet in mijn top 15 en dat is een teleurstelling voor iemand die al sinds 1978 een fan is van de Texaan. Verder is er volop reden tot tevredenheid.
1. Robert Ellis – Photographs
De eerste helft is intelligente countryfolk in de stijl van Paul Siebel. Daarna klinkt trage countryrock met de ziel van Gram Parsons. Om te huilen zo mooi. meer…
Eigenlijk waren er maar twee muzikale hoogtepunten dit jaar: The Darylectones en Spotify. Ik heb dankzij laatstgenoemd medium nog nooit van zoveel verschillende “platen” genoten als in 2011. Maar goed, dat zou een kort en oneigenlijk lijstje zijn dat geen recht doet aan al die musici die verantwoordelijk waren voor die muzikale pracht. Daarom toch een lijstje met 15 platen die me in het bijzonder opgevallen zijn.
1. Darylectones: Hope Like A Bright Shining Face Prachtige Canadese woestijnfolk met jazzy ondertonen. Duo schittert op hun 5de cd en maakt 13 schitterende liedjes waar Tom Waits jaloers op kan zijn. meer…
Gary Hunn is een singer-songwriter met een tamelijk traditioneel countrygeluid met veel steel en piano. Wat Dust & Gin (eigen beheer) van Gary Hunn and the Wayward Angels optilt boven de middelmaat is de Australische wind die door de liedjes waait. Hunn woont op het kleine Magnetic Island voor de kust van Queensland en zoals zoveel artiesten van down under heeft hij die typerende droge sound. Muzikaal is dit weliswaar nogal ver verwijderd van The Triffids, want dit is echt veel conservatiever, toch is er die overeenkomst van meer…

Duidelijker dan Solo (eigen beheer) en Collaborations (eigen beheer) kunnen cd-titels niet zijn. John Roy Zat is een zestiger die in de jaren zeventig een tekst schreef voor de betreurde Kate Wolf, maar van muziek nooit zijn beroep heeft gemaakt. Pas nu komt hij op de proppen met deze twee albums. Zat komt uit San Francisco en zijn countryfolk is op een prettige manier nogal ouderwets. Het is bijna oldtime uit de Appalachen. De fiddler en guitarpicker Zat is iemand die in duidelijke bewoordingen zijn gehoor echt toezingt. Een echte folkzanger dus. Op Crazy Glue, in afwijkende versies te vinden op beide albums, is hij de verteller die met enige afstand naar zijn eigen leventje kijkt. Het is een liedje over echte liefde. I still keep my old guitar in tune zingt meer…
Ze hadden zich wel Gall & Gall kunnen noemen, maar dat hebben Peter Gallway en Annie Gallup dus niet gedaan. Ze gaan door het leven als Hat Check Girl en Six Bucks Shy (eigen beheer) is na Tenderness uit 2010 het tweede album van het duo. Het is een samenwerkingsverband waarbij je je afvraagt of we er als consument echt iets mee opschieten. Six Bucks Shy is een heel behoorlijk album, maar tegelijkertijd moet je ook constateren dat de laatste soloplaten van de twee artiesten toch echt sterker waren. Lees er de recensies meer…
Met kerst stralen sterren overal en we hebben het mooiste tot het laatst bewaard. Hope Like A Bright Shining Face is de nieuwste -briljante- cd van het Canadese duo Darylectones. Ik heb ‘m al een paar maanden in huis en heb al die tijd lopen broeden op de juiste woorden om deze cd recht te doen. Bovendien, mijn waardering werd bij elke draaibeurt groter. Laten we maar eens beginnen een omschrijving te vinden voor het soort muziek van de Darylectones. Nachtelijke woenstijnfolk, kunnen jullie je daar iets bij voorstellen? Een meer…
Wordt 2012 het jaar van Cary Ann Hearst? Het zou zo maar kunnen. In dat geval wordt het ook het jaar van Michael Trent, want samen met haar partner brengt Hearst volgend jaar een album uit onder de nieuwe artiestennaam Shovels Rope (zie ook de recensie hieronder). Lions And Lambs (eigen beheer) had er eigenlijk al voor moeten zorgen dat 2011 het jaar van Cary Ann Hearst zou zijn geweest, maar het album is nauwelijks opgepikt. Geheel onterecht natuurlijk, zoals dat zo vaak gaat. Anyhow, waar is al dat enthousiasme meer…
Even googlen leert dat er in het Nederlands taalgebied amper iets is geschreven over Cary Ann Hearst. En als ze genoemd wordt is het meestal in een bijrol bij Hayes Carll of Butch Walker. Een recensie van het al in 2008 verschenen Shovels Rope (eigen beheer) van Cary Ann Hearst & Michael Trent is weliswaar heel laat, maar toch echt op zijn plaats. Want 2012 zou zo maar eens het jaar kunnen worden van dit stel dat overigens inmiddels de artiestennaam van dit album heeft aangenomen. Van Shovels Rope verschijnt volgend jaar een cd waar meer…
Net als op het titelloze debuut grijpt Mud, Blood & Beer op de ep Gone For Good (eigen beheer) bewust of onbewust terug op de jaren tachtig. Dit is altcountry met de deuren van de garage wijd open. Zoals bij Long Ryders en veel andere geweldige bands van toch ook al weer zo’n dertig jaar geleden het geval was, zijn ook bij Mud, Blood & Beer volop echo’s van The Byrds te bespeuren. Het kwartet veteranen uit New York voegt daar op New Math en Crime Of The Century de ondoordringbare intensiteit van Hüsker Dü aan toe. Zo’n plaatje met meer…
De Canadezen Luke Doucet en, in iets mindere mate, Melissa McClelland zijn in Nederlandse americanakringen al gevestigde namen. Het paar, want dat zijn ze in het dagelijks leven ook, brengt nu tezamen onder de naam Whitehorse, een mini-cd uit met 8 nummers. Een paar van die liedjes waren ook op afzonderlijke soloplaten te vinden. Aangevuld met enkele nieuwe nummers en een cover (Springsteens I’m On Fire, zucht) vormen ze een redelijk ruig titelloos debuut waarop Doucet zijn White Falcon-gitaar laat grommen, knauwen en meer…
Zijn het Jozef en Maria die onderweg zijn naar Bethlehem? Nee, want waarom zou de man op de hoestekening van White Hat (Saddle Creek/Munich) dan een cowboyhoed dragen? Chris Senseney en Stefanie Drootin-Senseney vormen samen Big Harp. Ze ontmoetten elkaar drie jaar geleden op een podium, trouwden en reizen nu rond met twee kinderen. Hij komt uit een klein dorpje in de Amerikaanse staat Nebraska en zij uit de metropool Los Angeles. White Hat is het derde resultaat van hun vruchtbare samenzijn. Geen Jozef en Maria, maar wel meer…
The River Stays The Same is een fraai meanderende song door het landschap van rootsmuziek. Mark W. Lennon opent er zijn debuutalbum Home Of The Wheel (Vagabonds Tune Records) mee. De hoofdrol in het nummer is voor de viool van Scarlet Rivera, voor eeuwig verbonden met de prachtplaat Desire van Bob Dylan. Lennon komt uit North Carolina en woont tegenwoordig in Los Angeles. Daar in Californië kwam dit album tot stand met Marvin Etzioni aan de knoppen. Het voormalige lid van Lone Justice maakte meer…