Onverzettelijke karakters op zoek naar goud. Dolende zielen onder de eindeloze hemel. Rottende lijken in verlaten stadjes. Voorouders die indianen uitmoorden. Bandieten die een moeder om het leven brengen. Een wraakzuchtige zoon die wraak neemt. De toorn van Sitting Bull en Crazy Horse. Buffalo Bill met bloed aan de handen. Zomaar wat lieden uit de liedjes op Where The Myrtle Doth Entwine (Black Phoebe), een conceptalbum over het Wilde Westen van Jonny Miller die begint bij de zoektocht naar goud in de heuvels van Californië. De artiest die in de woestijn ten oosten van Los Angeles woont tracht het verleden bij het heden te brengen op dit bijzondere stukje vlijt waarop stoffige alt-country zijn oorsprong vindt in Moeder Natuur, oude westerns en klassieke albums van outlaws. De fascinatie van Miller voor oude folk en geschiedenis gaat diep. Hij combineert zijn liefde voor muziek met zijn rol als activist. Hij zingt op bijeenkomsten van (stakende) arbeiders, migranten, de milieubeweging en bij protesten tegen de genocide in de Palestijnse gebieden. Where The Myrtle Doth Entwine is een 17 nummers (50 minuten) omvattend muzikaal avontuur (mondharmonica, gitaar, banjo, bas, percussie, blaasinstrumenten, fluiten) van de met schorre stem gezegende Miller en zijn medestrijders. Als aanvulling is er ook een volledig instrumentale versie.




Reageren
»Nog geen reacties.
RSS feed for comments on this post.
Plaats een reactie