Zijn werkzaamheden als programmeur voor de honky tonk Sagebrush in Austin, Texas, zijn blijkbaar prima te combineren met een loopbaan als uitvoerend artiest. Hoewel, hoe gaat het eigenlijk met Chasen Wayne, wiens vorige in een foeilelijke hoes gestoken album Strange Places we eind 2024 bespraken? Het deze keer van prachtig artwork voorziene album Corpus (eigen beheer) is al van vorige zomer, maar het is niet breed opgepikt. Misschien is het iets te experimenteel voor het grote publiek? Jammer, want er valt veel te genieten. Dus toch nog maar een stukkie over dit albumvan Chasen Wayne & The Honky Tonk Machine, terwijl er al een nieuw werkstuk is aangekondigd. Corpus opent sterk met Honeymoon, waarop een vergelijkbare sfeer als op albums van Mickey Newbury uit jaren 60 en 70 wordt bewerkstelligd. Wayne is geen rauwdouwer, maar zoekt het hier in finesse. De fijne gitaarakkoorden zouden van Robert Ellis kunnen zijn. Wayne dompelt zich niet alleen onder in de Golfkust van Texas, maar ook in zelfbeklag met confessies over drank, drugs en (overspelige) seks. Dat zijn typisch onderwerpen voor een goede countrysong, maar muzikaal graaft hij bij voorkeur wat dieper. Dat blijkt ook wel doordat hij naast de liedjes ook enkele instrumentals presenteert. Riptide is dik melodrama met gitaar, steel en viool. Het rauwe Los Angelisa is losjes als iets van Doug Sahm, altijd fijn! Het instrumentale Santa Rita raakt jazzfolk, spaghetti western, surf en mexicana. Op Sonora + Riptide (Reprise) valt net als op enkele nummers van Strange Places te denken aan de Noorse band Helldorado. Lekker heftig dus. Afsluiter Sands is geweldige countrysoul, waarbij je zomaar The Gilded Palace Of Sin zou kunnen noemen om een idee te krijgen.




Reageren
»Nog geen reacties.
RSS feed for comments on this post.
Plaats een reactie