Het is maart, kunnen we het al over de jaarlijstjes hebben? Goed, ik hoor niemand en dat leg ik dan maar even uit als geen tegenspraak. Dan maar even uitleggen dat het de schuld is van Trey Hedrick dat ik er nu al over begin. Zijn Sing, Appalachia (Grange Hall Records) is namelijk wel een kandidaat voor een mooi plekje op die lijstjes met favoriete albums. Het is een debuut. Hedrick komt uit het zuidoosten van Ohio en daar liggen de uitlopers van de Appalachen, zoals onlangs ook al opgemerkt in een recensie van Low Gap. Dat betekent dat de roots van country dichtbij zijn. Wat deze singer-songwriter en multi-instrumentalist hier laat horen is begeesterend. Hij heeft een karakteristieke stem, die soms doet denken aan Steve Earle. Op Passing Through is dat bijvoorbeeld het geval. Zijn verhalende songs laveren langs bluegrass, folk, country, americana, noem maar op, maar zijn nooit echt helemaal onder te brengen bij een van die genres. Dobbin Mine No. 1 gaat over een fataal ongeluk in een mijn waarbij een oom op 27-jarige leeftijd het leven liet. De vijfvoudige Grammy-winnaar Sean Sullivan produceerde het album op een voorbeeldige manier. De muziek krult, ademt, leeft. Veel banjo en viool op de eerste drie nummers, altijd in dienst van het liedje. Leavin’ Town is huppelende countryrock met voornamelijk akoestische instrumenten. Go Gently Fall is soulvolle rootsrock met toetsen en plukjes van mandoline en een elektrische gitaar die omhoogschiet langs de stammen van de pijnbomen. Latigo brengt een funky elektrische gitaar, steelgitaar en viool, waarna orgel Loretta introduceert. Gasten op het album zijn Tim O’Brien, Rachel Baiman en Maya De Vitry. Het titelnummer is de afsluiter, die eindigt met een boodschap via de telefoon van zijn oma.




Reageren
»Nog geen reacties.
RSS feed for comments on this post.
Plaats een reactie