De naam Galvezton is tegelijk artiestennaam en geloofsbelijdenis. Achter het project schuilt de Texaanse singer-songwriter Robert Kuhn, en de naam verwijst naar zijn thuisstad Galveston aan de Golf van Mexico. Die plek met zijn surfcultuur trok Kuhn ooit uit een diepe depressie. Het drukt ook een onmiskenbaar stempel op dit tweede album, dat zelfs zijn titel ontleent aan een verlaten stripclub aldaar — een detail dat meteen de sfeer zet: melancholiek, een tikje louche. Ocean Cabaret(La Izquierda Records) is een overwegend ingetogen plaat. Kuhn werkt grotendeels solo — schrijven, opnemen, produceren. De songs ademen ruimte en bedachtzaamheid. Akoestische gitaar, analoge synthesizers en zorgvuldig gelaagde klanktonen vormen een meditatief en wat atmosferisch geheel. Zijn stem heeft rauwe randjes, wat hem in goed gezelschap plaatst van invloeden als Townes Van Zandt en Lou Reed (Kuhn maakte eerder een VU-coversplaat: Some Kinda Love). Thematisch cirkelt Kuhn rond liefde, dood en thuiskomst — grote thema’s, bescheiden verpakt. De uitzondering op die ingetogenheid is Roll to G-Town, een nummer met streetwise swagger en een pakkend refrein dat direct de aandacht grijpt. Het laat zien dat Kuhn ook een feestelijk tandje bij kan zetten. Quint’s Cantina heeft diezelfde rollende energie die de luisteraar meesleurt. Ocean Cabaret vraagt aandacht, maar geeft die ruimschoots terug. Een plaat ook als een late avond aan het water — weinig haast.




Reageren
»Nog geen reacties.
RSS feed for comments on this post.
Plaats een reactie