Hij zwaait de scepter over de Palomino Sound-studio in Los Angeles, Californië, alwaar hij onder meer albums van Gospelbeach, Whispering Pines, Lasers Lasers Birmingham en Lee Gallagher and The Hallelujah overzag: Jason Soda is engineer, producer en multi-instrumentalist. In de band van The Watson Twins – de eeneiige tweeling Chandra en Leigh Watson – komt Soda zanger, drummer, gitarist en toetsenist Russ Pollard tegen. In 2006 starten ze samen een band, vernoemd naar – Beatles-fan als ze zijn – het favoriete sigarettenmerk van Beatles-engineer Geoff Emerick: Everest. Everest bestaat meer…

Het is een wat akelig fenomeen: downloads zonder een fysieke release. Naar mijn mening is algemeen aanvaard dat downloads een vluchtigere beleving zijn, en misschien zijn recensies van downloads dat ook: vluchtiger.
In 1970 heeft David Crosby de wereld aan zijn voeten. Hij maakte in de jaren zestig deel uit van een van de meest invloedrijke bands uit de pophistorie, The Byrds, en voor die band co-componeerde hij talloze uitzonderlijk fraaie songs (Eight Miles High, Why, Everybody’s Been Burned, Lady Friend, Triad). Crosby is bovendien lid van Crosby, Stills, Nash & Young, een supergroep die de wereld versteld heeft doen staan met Déjà Vu. Maar David Crosby verkeert in een diepe persoonlijke crisis omdat zijn vriendin, Christine Gail Hinton, in september ’69 is omgekomen bij een auto-ongeluk. Crosby zoekt de eenzaamheid op en vindt vertroosting in de oceaan,
Na het uiteenvallen van de band die Forever Changes heeft voortgebracht, formeert Arthur Lee in augustus 1968 een nieuwe Love. Jay Donnellan is de gitarist in deze Love-versie en is met zijn psychedelische spel zeer prominent aanwezig op Four Sail en Out There. Als Arthur Lee zijn bandleden opnieuw ontslaat trekt Jay Donnellan zich vanuit Los Angeles terug naar de heuvels van de San Fernando Valley, neemt de naam Jay Lewis aan en richt met twee vrienden The Morning And The Evening op. Het drietal – Lewis (gitaar, banjo), Jim Hobson (piano, orgel) en Barry Brown (gitaar, drums) – richt een provisorische studio in met de nogal 
Een droog, woestijnachtig klimaat, maar in de jaren tachtig een vruchtbare bodem voor rockmuziek: Tucson, Arizona. Green On Red, Al Perry and the Cattle, Giant Sand, Naked Prey en ook Sidewinders, ze komen er allemaal vandaan. In 1986 richten zanger Dave Slutes en gitarist Rich Hopkins Sidewinders op. Drummer Andrea Curtis sluit zich bij hen aan en als bassist wordt Scott Barber aanvankelijk geleend van Giant Sand. Sidewinders – vernoemd naar de zijwaartse voortbeweging van de ratelslang – is een echte Tucson-band: desertrock met aardeverschroeiend gitaarwerk. Sidewinders is bovendien zelfvoorzienend, want 


Als geen ander vertelt John Prine, in 1946 geboren in Maywood, Illinois, de verhalen van gewone mensen; van mensen die door het leven struikelen, van mensen die er het beste van proberen te maken. Liefdevolle beschrijvingen van de gewone, soms oudere man/vrouw in meertijds pijnlijke situaties typeren zijn platen, met als uitschieter zijn uitgebalanceerde en nagenoeg perfecte zelfgetitelde debuutplaat. John Prine is dan al, op 22-jarige leeftijd, waarlijk op de toppen van zijn kunnen.

