Gek ben ik op het geluid van een pedal steel, maar wat Rusty Blake op Weight Of The World van Western Centuries ervan maakt is eerder gekmakend. Overal blèrt hij doorheen en dat meestal op zo’n irritant vrolijke wijze. Less is more, zou ik zeggen. Het was in elk geval de druppel die de emmer deed overlopen en die ervoor zorgde dat het album met een boog in de prullebak belandde. Eerder al was ik gestruikeld over de kansloze, risicomijdende liedjes die het Amerikaanse vijftal op het album ten gehore brengt. Één nummer, nou vooruit, meer…



There And Back (Excelsior) heet het nieuwe album van
De wat koele pop van de uit Seattle afkomstige
The Pilot and the Flying Machine (CRS) van
Aan het eind van het optreden van Sturgill Simpson kunnen de oordopjes weer uit. Niet alleen vooraan maar ook achterin kon je niet zonder. Ja, het was hard, maar wat een prachtig gebalanceerd geluid vanavond. En zonder monitors vrij uitzicht op het podium.
Puur als Patsy. Cool als Cline. Dat is Soon Enough (Clubhouse Records/CRS) van
Hoop en verdriet. Toekomst en verleden. Op gracieuze wijze behandelt
Op Close To Me – More Fame Recordings (Ace) wordt vooral duidelijk dat Dan Penn zich niet beperkte tot countrysoul. Nog even herhalen wat we al schreven in de
Mooi is misschien niet direct het meest voor de hand liggende predikaat dat je op de muziek van
Wat begint als rockabilly uit de kelder, verandert Out Of The Blue zoals de titel van het liedje dan ook luidt, in poppy new wave. Ondertussen blijft de gitaar kronkelen door surf en rockabilly. Alien Ocean (Cool Clear Water Records) is een prettig primitief plaatje van
Het eerste woord dat we horen van
Willie Nelson, Merle Haggard, Townes Van Zandt en David Allen Coe komen allemaal voorbij in het liedje Country Music Outlaws van
Witte soul met vleugjes countryrock staan er op Ghost Of A Small Town (Blue Rose Records/Sonic Rendezvous) van
We kunnen inmiddels toch wel vaststellen dat
Op Passion Parade zingt 
Het weer was nog zo mooi. De ontknoping van de Vuelta was op televisie. En TakeRoot zou zo beginnen… Al voor het festival begon, wat het een kwestie van kiezen. JP Harris and the Tough Choices zouden het festival aftrappen en die maakten de keuze wat makkelijker. Harris brengt liedjes vol oneliners en tekstuele spitsvondigheden. Niet te missen. Zijn authentieke country is puur vakwerk. Met de cover Amarillo Highway van Terry Allen stuurde 
“God, wat mooi”, denk ik als Golden Age (Barsuk) van
De muziek van
Meestal zetten we een algemeen kopje boven de overzichten in de rubriek roundup. Deze keer niet. Dat zou zonde zijn voor The Blind Roofers. Die verdienen namelijk heel veel bekendheid nadat ze een werkelijk heerlijke ep hebben afgeleverd. Lost In Wander (eigen beheer) is een avontuurlijk plaatje van vier jongens uit Groningen. De ep (22 minuten) werd al in maart in Vera gepresenteerd en min of meer bij toeval waren we daar present. Wat een optreden! Antonie Harms is een
Aanstaande zaterdag staat het
O, wat hielden we van Robbie Fulks toen hij in rake bewoordingen fulmineerde tegen alles wat verachtelijk is aan Nashville. Fuck This Town. Hij schreeuwde het uit. Dat was nog eens altcountry waarin stelling werd genomen! Die strijd is wel zo ongeveer gestreden. Commerciële country bestaat nog altijd, maar de macht van platenbazen is beslist minder geworden. Onafhankelijke artiesten hebben ervoor gezorgd dat rootsmuziek wortel heeft geschoten. Americana in alle diverse verschijningsvormen is niet meer weg te denken uit het 