Uit de nalatenschap van een echte countryliefhebber belandde onlangs een hele stapel oude countrytijdschriften bij mij. Echt papier dus, je weet wel: pagina’s die aan elkaar vastzitten. De Country Gazette is je misschien bekend, maar er zaten ook jaargangen van Country & Western Hayride, Strictly Country en Hillbilly Hayride tussen. Die laatste is veruit de oudste: het verscheen van januari 1958 tot en met december 1965. En wat staan daar prachtige verhalen in!
De Dutch Stickbuddy Club
Hillbilly Hayride was eigenlijk het clubblad van de Dutch Stickbuddy Club (DSC). Stickbuddy? Gelukkig leggen voorzitter B.W. Schipper en secretaris A. Meerholz dat meteen uit in het eerste nummer, dat ze zelf volschreven. Letterlijk vertaald is het, zeggen ze, “een maat door dik en dun”. Maar Amerikaanse soldaten (en dj’s) in Europa gebruikten het ook als synoniem voor hillbilly. En die hillbillies gedragen zich als echte stickbuddies: zowel de “sterren” als hun fans vormen een homogene groep, aldus de schrijver van het stuk.
Die Nederlandse stickbuddies zijn dus dol op hillbilly- en countrymuziek. Met Pinksteren 1957 richten zij de DSC op en in januari 1958 rolt het eerste nummer van Hillbilly Hayride van de pers. Van de pers is wel een groot woord: het zijn 14 gestencilde pagina’s, met de hand aan elkaar geniet. Het tweede nummer is al dubbel zo dik en pronkt met een omslagtekening van ene heer Smith (zie hierboven). De bedoeling van de club was om de hillbillymuziek zoveel mogelijk te verspreiden in Nederland en om de liefhebbers ervan met elkaar in contact te brengen.
Geen country op de Nederlandse radio
Het is meteen duidelijk dat deze countryliefhebbers het van de Nederlandse radio niet moeten hebben. In 1957 voerden ze een zéér interessante, hoewel eenzijdige(!) correspondentie met de AVRO in Hilversum. Je raadt het al: de antwoorden bleven uit. Nee, men luistert vooral naar de uitzendingen van de American Forces Network (AFN). De lezers worden opgeroepen om daar middels een briefkaart verzoekplaten aan te vragen, het liefst in de ochtendprogramma’s, want dan is de ontvangst het beste en geschikt voor een bandopname, met vermelding van de DSC natuurlijk.
Aan een van de omroepers, Dan Fulkerson, van zo’n programma wordt gelijk het erelidmaatschap van de club toegekend. Nota bene, die Fulkerson gaat later, als hij weer terug is in de VS, zelf songs schrijven. Zijn A Tombstone Every Mile wordt in 1965 een grote countryhit voor Dick Curless.
Texas Kitty: de eerste Nederlandse hillbilly-artiest
Ook Texas Kitty krijgt een erelidmaatschap. Ik had geen idee wie dat was, maar ik denk dat we hiermee de allereerste hillbilly-artiest van Nederland te pakken hebben. Kitty Prins, zoals zij in werkelijkheid heette, werd in 1930 in Groningen geboren. Inderdaad, er gaat dus niets boven Groningen. Ze ging zich aan de Academie Minerva aldaar bekwamen in de schilderkunst, maar streefde ook een carrière als zangeres na. Met enig succes: in de AVRO Radiobode van 18 november 1951 wordt ze genoemd als winnares van de finale van de Derde Bonte Dinsdagavond Trein. Op Discogs staat een 78-toerenplaat van haar uit 1953 met op de a-kant New Mule Skinner Blues van Jimmie Rodgers en op de b-kant een uitvoering van Just A Little Lovin’ van Eddy Arnold. Op YouTube wordt dit singletje overigens al in 1950 gedateerd. In 1954 covert zij twee liedjes van Hank Williams: My Sweet Love Ain’t Around en My Love For You (Has Turned To Hate). Ook in 1955 en 1956 worden singles uitgebracht, die uiteindelijk allemaal samen op een 33-toerenplaat terechtkomen.
Naar België en de Vlaamse radio
In 1956 verhuist ze, teleurgesteld over de kansen in Nederland, naar het Belgische Eeklo. In het tweede nummer van Hillbilly Hayride schrijft ze zelf dat ze twee nieuwe songs heeft geschreven, en meteen Nederlandse vertalingen erbij gemaakt heeft: Spooktrein en Moeders Huis. Zo hoopt ze dat het publiek de nummers sneller snapt. In de vijfde uitgave volgt het grote nieuws: Kitty Prins krijgt een eigen radioprogramma via Studio Kortrijk. Ze blijft er bijna twintig jaar lang op de Vlaamse radio te horen. Verder zet ze zich, naast haar eigen zangcarrière, vooral in voor de promotie van Amerikaanse countryartiesten in Europa. Hiervoor wordt zij in de VS diverse malen onderscheiden. Op 18 oktober 2000 overlijdt zij te Wuustwezel. Van haar overlijden wordt in sommige Vlaamse kranten melding gemaakt.
Kortom: ik denk dat we hier de pionier van de Nederlandse countryartiesten te pakken hebben. Bewegende beelden van Texas Kitty Prins heb ik niet kunnen vinden. Daarom deze statische Youtube-clip van een van haar vroege songs.




Reageren
»Nog geen reacties.
RSS feed for comments on this post.
Plaats een reactie