Ook in alternatieve country heerst de laatste tijd glitter en glamour. Nadat Daniel Romano de durf had om een prachtig countrypak aan te trekken voor de hoesfoto van Come Cry With Me, zagen we dit jaar op TakeRoot Robert Ellis aantreden in een weergaloze westernoutfit. En wat te denken van het spiegelende kostuum van Aaron Lee Tasjan op Silver Tears (New West Records/PIAS)? Deze met een stetson ons tegemoet tredende singer-songwriter heeft een bijzondere route afgelegd naar deze superplaat. Zo speelde hij gitaar in een reïncarnatie van meer…



De prijs voor de mooiste verpakking gaat dit jaar naar Hobo Jungle Fever Dreams (Local Rascal Records) van
Eerlijk is eerlijk: we waren het plaatwerk van
De in New Mexico neergestreken
Het meest bijzondere nummer van Slow Burn (Dahl Street Records) staat twee keer op deze plaat van
De invloeden van
David Osborne en David-Gwyn Jones groeiden op in een oninteressante wijk ergens in Amerika. Niets te beleven, behalve muziek maken. De plaat The Gilded Palace Of Sin van The Flying Burrito Brothers gaf zin aan het leven. Nu vele jaren later wonen ze ver van elkaar vandaan. Jones vertrok naar Engeland, maar als
Herman Brood leeft en woont in Dallas. Die gedachte kwam even op bij Livin’ In The EDT. Een liedje over een lekker wijf en dronken worden zonder reden. Eigenlijk gaan alle liedjes daarover. Hier met een lekker pianootje, ziedaar de link naar Brood. Ook door het melodietje trouwens.
Kijk eens goed naar die hoes. Dat zijn schedels die daar ondergronds liggen verspreid. In diezelfde aarde groeien bloemen. Een gruwelijk beeld en toch ook hoopvol. Precies dat wilde 