Hij is een interessante singer-songwriter, die het de moeite waard is te volgen. Christopher Rees is bovendien een Welshman die puur Amerikaanse muziek maakt. Was Cautionary Tales (2007) een soulvolle folkplaat en Devil’s Bridge (2009) een album opgetrokken uit murder ballads, op Heart On Fire ( Red Eye Music/Bertus) gaat Rees de samenwerking aan met The South Austin Horns. Dat levert een drukke plaat op boordevol rhythm & blues en soul. Hoewel Rees over een sterke stem beschikt en bewezen heeft sterke songs te kunnen schrijven, bewandelt meer…



Ach ja, The Silos. Americana-pioneers vanaf midden jaren tachtig en makers van een serie interessante platen. Toch is de aandacht voor The Silos heden te dage – we zijn nu zo’n 25 jaar verder – danig verflauwd. Niettemin ploetert de band, opgericht in Florida en onder aanvoering van Walter Salas-Humara, onverdroten voort. Dat resulteert nu in Florizona (Blue Rose/Sonic Rendezvous), het, als ik het goed tel, vijftiende Silos-album. Het blijven volhouden loont, want Florizona is een enthousiast klinkende plaat met
JT Nero is de zanger van JT & The Clouds, een soulvol rootsy popbandje uit Chicago. In zijn paspoort staat de naam Jeremy T. Lindsay maar Nero past klaarblijkelijk beter bij de muziek van de man. Mountains/Forests (Lucky Dice) is na de EP Demons/Demons (ja, JT houdt van schuine streepjes) de eerste volwaardige cd. Ten opzichte van het zijn werk met The Clouds zijn de liedjes op deze plaat wat akoestischer. Iets meer banjo’s, dobro’s enz. Belangrijkste troef is de stem van JT. Vergelijk hem maar met iemand als
Seryn is waarschijnlijk niet ieders cup of tea. De vier mannen en een vrouw uit Denton, Texas maken namelijk muziek van het kaliber Fleet Foxes, maar dan nog meer geworteld in folk, akoestica en koralenzang. Dat betekent dus banjo, ukelele, accordeon, viool, een grote trom en gestapelde vocalen. Seryn kan goed uit de voeten met dit instrumentarium, want aan schoonheid geen gebrek op This Is Where We Were (
Werkelijk prachtig is Curse Of Canaanville, de opener van Canary (Misra/Bertus), de derde cd van Southeast Engine. De groep legt een fraai americana-tapijt neer, compleet met country-snik en weemoedige fiddle. Vervolgens schiet het alle kanten op, van jubelende countryfolk tot countryeske pop. Bright Eyes is aldus een goede referentie. Het kwartet uit Ohio, onder aanvoering van Adam Remnant, schuwt het avontuur beslist niet en schurkt op een prettige manier tegen de buitenmuren van de americana aan – rock en pop
De op een ongepolijste manier zingende
Het veertiende album van Steve Earle is als het ware een terugkeer naar oude waarden. Geproduceerd door T Bone Burnett is I’ll Never Get Out Of This World Alive (New West/Sonic Rendezvous) een fraai, gruizig en tegelijk rustiek Earle-album. Het gaat goed met Earle; de man is gelukkig met Allison Moorer en hun baby, heeft een rol in de televisieserie Treme – net als hij had in The Wire – en debuteert dezer dagen met een roman die een gelijke titel heeft als deze cd, overigens beide ontleend aan de titel van de laatste single van
Wij hier bij Altcountry.nl volgen
3 Step is een uitstekende opener van Turncoats (My Forlorn Wallet Records) van
Sometimes it’s hard to see / Even when it’s right at your feet / You’re alright, Yeah, you’re alright / Last night I saw the yellow moon, from the corner of my room / Hanging low in the autumn sky / I put on a Neil Young song, blew out the candles and I sang along / Hey-hey, my-my / Cause I’m alright, I’m alright. 