Heeft Jon Langford heimwee naar de tijd dat hij nog liedjes zong over de sociale onrust in het Verenigd Koninkrijk? Bijna alle teksten op Old Devils (Bloodshot/Bertus) wekken die indruk. Het zijn liedjes waarin Langford lijkt te worstelen met zijn huidige status als kunstenaar die het gemaakt heeft. De begin jaren negentig naar de Verenigde Staten (Chicago) getrokken Engelsman lijkt zichzelf op de korrel te willen nemen met 1 2 3 4Ever: 123 Forever & Time stands still / When you were young you thought you’d never / Reach the crown meer…



Even vooraf dit: ‘Til Spring (20 20 Records) werd in 2008 al uitgebracht, maar om onverklaarbare redenen wordt Clarence Bucaro’s derde album nu opnieuw onder onze aandacht gebracht. Beter laat dan nooit, want wat is dit een schitterend album, dat dus zo maar uit de lucht komt vallen en daarmee een alhier onbekende singer-songwriter introduceert. Bucaro, inmiddels 32 jaar en afkomstig uit Cleveland, Ohio, heeft kennelijk een rusteloze ziel, want hij vestigde zich tijdsvolgordelijk in New Orleans, Los Angeles en New York. Het tekent
Een beetje goedkoop wellicht, maar toch ook behoorlijk lekker. Dat is de indruk die
Hoe het komt weet ik niet, maar ik krijg de laatste tijd vooral promo’s van vrouwelijke artiesten toegestuurd. Ik zou ook kunnen zeggen: in m’n mik geschoven, want een liefhebber van vrouwenstemmen ben ik in het algemeen niet zo. Maar ik ben blij dat ik die cd’s van Rachel Harrington en Lea heb gekregen want dat zijn gewoon hele mooie platen. En dat geldt ook voor de laatste cd van
Hoe klassiek kun je als singer-songwriter zijn: opgroeien in Texas en dan met het klimmen der jaren neerstrijken in Nashville, Tennessee.
De ontvankelijke luisteraar hoort op All You Need Is Sleep (Dell’orso Records) van alles voorbij komen: Van Yo La Tengo tot Grandaddy; van The Chills tot Sebadoh; van The Silver Jews tot Sonic Youth.
Ondanks zijn 31 jaar draait Ben Weaver alweer langer dan een decennium mee. In die tijd leverde hij zes albums af, waarvan Hollerin’ At A Woodpecker uit 2002 het stevigst in mijn geheugen gegrift staat. Het wil echter in overdrachtelijke zin nog maar niet zomeren voor de inwoner uit Minneapolis, Minnesota; een doorbraak laat eigenlijk te lang op zich wachten. Mirepoix & Smoke (
Terwijl er volop gediscussieerd wordt over Le Noise van Neil Young, richten we ons hier bij altcountry.nl liever op alweer een nieuwe held. We hebben het over
Op het tweede album alweer, presenteren Simone Felice en Robert ‘Bird’ Burke, alias The Duke & The King – ontleend aan Mark Twains De Avonturen van Tom Sawyer – nieuwe bandleden Simi Stone, een klassiek geschoolde zangeres, en ex-George Clinton-drummer Nowell Haskins. The Duke & The King is hiermee getransformeerd tot een klassieke hippieband, die zich op Long Live (Loose Records) stort op countrysoul, gospel en sixties psychedelica. In hun houten huis annex opnamestudio in Woodstock, upstate New York, hebben Felice – die in 2008 zijn broers verliet
Whitey Morgan en zijn bunch zijn heerlijke rednecks die het erfgoed van de drankfles, de dronken zaterdagavond en de motorbike met verve verdedigen. Ze resideren in Flint, Michigan, de plaats waar General Motors ooit startte en dat nu een uitzonderlijk hoog werkloosheidscijfer kent – schrijnend geportretteerd door documentairemaker Michael Moore in Roger & Me. Morgan en zijn gang zijn pure outlaws en vanzelfsprekend hangen zij sterk aan de outlaw-country van Waylon Jennings en Johnny Paycheck, maar inspirerend
Voor Neil Young was zijn zelfgetitelde solodebuut een mislukking. Saaie weken in de studio leverde een introverte singer-songwritersplaat op, die ook nog eens geen succes werd. Vanuit zijn villa in Topanga Canyon trekt de rusteloze Young erop uit en vindt in een van de clubs van Sunset Strip The Rockets. Van de zeskoppige band weekt hij gitarist Danny Whitten, bassist Billy Talbot en drummer Ralph Molina los, benoemt ze als zijn begeleidingsband en doopt het drietal Crazy Horse. Nog voor Neil Young half januari 1969 verschijnt, heeft Young
Excelsior Recordings flikt het ‘m weer. Nadat eerder dit jaar Tim Knol een fantastische countryrockcd op dit label mocht uitbrengen (waarvoor hij onlangs een Edison ontving), is het nu de beurt aan
Jullie zullen het wel gemerkt hebben: sinds een paar maanden is er geen nieuwe aflevering van de podcast meer geplaatst. Dat heeft een technische oorzaak. Bovendien ontbrak het heilige vuur ook een beetje om elke 2 weken een nieuwe aflevering te maken. Om jullie muzikaal niet geheel in de kou te laten staan, hebben we sinds kort wel een playlist op Spotify: de Altcountrynl-playlist. Om ‘m te kunnen beluisteren moet je wel Spotify, al dan niet met een gratis abonnement, op je computer installeren (’n fluitje van een cent, zelfs voor digibeten). Degenen die dat nog niet hebben gedaan, verwijzen we naar de website van
De zingende zaag, daar gaat het toch wel om bij
Soulbilly, het is wel een mooie term die
Between Tall Trees (Sadness & Thunder) (Snowstar Records) is de debuut-cd van Bart van der Lee, een Utrechtse singer-songwriter. Aan het inventief vormgegeven cd-hoesje is te zien dat Van der Lee -behalve muzikant- illustrator is. Als voorbeelden noemt hij Johnny Cash, Nick Cave en Bonnie ‘Prince’ Billy, maar dat lijkt voorlopig nog iets te hoog gegrepen. De fiks bebaarde Van der Lee, opgegroeid in de Filippijnen, Thailand en Kenia, is geen vrolijke jongen en bezingt in de twaalf liedjes op deze
Vanuit Athens, Georgia bestiert Adam Klein zijn platenlabel
Mic Harrison leerden we begin jaren negentig kennen als bandlid van de op het E-Squared-label van Steve Earle actieve V-Roys. Hij heeft dus de beginperiode van het genre altcountry meegemaakt en dat is ook te horen op dit Great Commotion (Real Much Records) van
De Texanen van
Net als onlangs het geval was met Trust Your Equipment (Greatest Hits Volume II) van Ben Livingston (zie
Je kunt op diverse manieren naar nieuwe cd’s luisteren. Sec: wat is het voor plaat, staan er mooie liedjes op, vind ik ‘m leuk? Zo bekeken scoort de nieuwe cd van
Met de hernieuwde belangstelling voor countrysoul die de laatste jaren is ontstaan, mede te danken aan de Country Got Soul-compilaties, moet er toch zeker ook een publiek zijn voor Tom Hall. Die heeft met California (
Silver is de voortzetting van Batdorf & Rodney, een akoestisch duo met een laag profiel, maar met de wens van een commerciële doorbraak. Maar eenmaal onder contract bij Arista Records zorgt de bemoeizuchtige Arista-directeur – platenmoloch Clive Davis – ervoor dat Rodney gedumpt wordt, en dat om Batdorf heen een nieuwe band – Silver – gemaakt wordt dat het bubblegumliedje ‘Wham Bam’ tot hit dient te bombarderen. Dat lukt Silver overigens in 1976, waarna de band van Davis groen licht krijgt voor een album. Dat zelfgetitelde album
Josh Bond en Neal Marsh zijn volgens hun eigen zeggen op een ‘whiskey fueled journey through the american wasteland’. Het klinkt als een uitgewoond cliché, maar – zoals we weten – clichés zijn waar. Na beluistering van A Collection Of Songs (Whiskey Richard Presents) ben ik het dan ook volledig met Josh en Neal eens; ik ga dolgraag mee op de trip van beiden. Ze vormen tezamen het duo
Middelmatigheid troef op Say Go (Clang!), het verlate debuut van
Een tijd of wat geleden deed Richard Thompson, maker van vele schitterende studio-albums, een verrassende ontdekking: ‘I don’t think musicians playing on their own are particularly interesting, it’s only when they play in front of an audience that something interesting happens.’ Noem albums als Hand Of Kindness, Rumour And Sigh, Mirror Blue of Mock Tudor dan maar oninteressant, denk ik dan. Nee, het lijkt eerder een rechtvaardiging – en een promopraatje – voor het feit dat hij een dozijn plus één nieuwe songs, opnam tijdens
Met The Arsonist maakte
Het zou tot de standaard opleiding moeten behoren van de ware troubadour. Eerst een aantal jaren reizen en liedjes schrijven in soms niet al te rooskleurige omstandigheden. Zo deed
Dit The Wild Hunt (Dead Oceans/Munich) van
Het enthousiasme over Born On Flag Day (zie 